Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Gierzwaluwen › Madeiragierzwaluw

Madeiragierzwaluw | Apus unicolor

Plain Swift | Vencejo unicolor

Een kleine, donkere gierzwaluw van Madeira en de Canarische Eilanden, die vlak voor de Marokkaanse kust broedt maar op het vasteland een grote zeldzaamheid is. Door de lastige herkenning bleef zijn status in Marokko lang onduidelijk; pas sinds ongeveer 2010 zijn er gefotografeerde waarnemingen.

Madeiragierzwaluw (Apus unicolor)
Foto: Frank Sengpiel — CC BY 4.0 · iNaturalist

Geluid

Een gil in de trant van de gierzwaluw, maar dunner, hoger en korter afgebeten: srie-srie-sriiii, meestal in koor door een groepje.

Luister: VluchtroepXC1062297

Opname: Adrien Peillon — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

Kleiner en slanker dan de gierzwaluw, met naar verhouding lange, smalle vleugels en een lange, diep gevorkte staart: het silhouet van een kruisboog. Egaal roetbruin tot bijna zwart, zonder tekening; de keelvlek is klein, vaag en grijzig en valt op afstand weg. Van dichtbij geven lichte veerzomen de onderdelen een fijn geschubd beeld. De vlucht is nerveus en wendbaar, met snelle slagen.

Verwarrings­soorten

De gierzwaluw (Apus apus) is groter en steviger, met een bredere vleugelbasis, een ondiepere staartvork en een duidelijker lichte keel. De vale gierzwaluw (Apus pallidus) is bruiner en bleker, met een grote lichte keelvlek, een donker oogmasker en een bleke binnenvleugel. Losse overvliegende vogels zijn vaak niet met zekerheid te benoemen; een waarneming in Marokko vraagt om goede foto's.

Leefgebied

Broedt op kliffen, in ravijnen en in gebouwen van de Atlantische eilanden. Op het vasteland vooral te verwachten boven de Atlantische kust, kustkliffen en riviermondingen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de leefgebieden van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

Verspreiding en trek

Marokko: zeldzaam; gefotografeerde waarnemingen sinds ongeveer 2010, vooral langs de Atlantische kust, en een melding die mogelijk op broeden wijst, maar een broedgeval is niet bevestigd. Met geolocators gevolgde Canarische vogels trekken na de broedtijd eerst oostwaarts en dan ver naar het zuiden, waarschijnlijk over Marokko, de Westelijke Sahara en de westelijke Sahara-woestijn, zodat de soort er vaker voorkomt dan het aantal waarnemingen doet vermoeden. Meldingen uit Saoedi-Arabië zijn afgewezen; elders in het gidsgebied geen zekere gevallen. Daarbuiten broedt hij op Madeira, Porto Santo, de Desertas en alle grote Canarische Eilanden; een deel overwintert in West-Afrika.

Hoe en wanneer kijken

Kansrijk is de Atlantische kust van Tarfaya tot Agadir en de kust van de Westelijke Sahara, vooral in de vroege lente en de herfst bij oostenwind. Wacht op een vogel die laag langs een klif komt met de zon in je rug en fotografeer hem.

Staat van instandhouding

Wereldwijd niet bedreigd; de eilandpopulaties zijn stabiel.

Wetenschappelijke naam

Apus unicolor | (Jardine, 1830)

Jardine beschreef de soort in 1830 als Cypselus unicolor; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Apus werd in 1777 ingevoerd door Scopoli. Apus is Latijn voor 'gierzwaluw', van Grieks a- 'zonder' en pous 'voet': de ouden hielden de vogel voor een zwaluw zonder poten. unicolor is Latijn voor 'eenkleurig', van unus 'één' en color 'kleur', naar het egale donkere verenkleed. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Madeira.