Alle soorten › Pelikaanachtigen › Reigers › Chinese ralreiger
Chinese ralreiger | Ardeola bacchus
Chinese Pond Heron | Garcilla china
Een Oost-Aziatische ralreiger die het gidsgebied slechts bij hoge uitzondering bereikt. Alleen vogels in broedkleed zijn met zekerheid te herkennen; in winterkleed gaat hij vrijwel onopgemerkt op tussen de Indische ralreigers van Oost-Arabië.
Geluid
Meestal stil; bij opvliegen een schor kraa, zoals bij de andere ralreigers.
Opname: Ray Tsu 诸仁 — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
Een kleine, gedrongen reiger, iets groter en zwaarder dan de Indische ralreiger, met witte vleugels, stuit en staart die in vlucht scherp afsteken. In broedkleed zijn kop, hals en borst diep kastanjebruin, de rug en lange mantelveren leigrijs tot bijna zwart, de buik wit; de snavel is geel met een donkere punt en de poten zijn geel. In winterkleed is hij bruin met zwaar gestreepte kop, hals en borst en een donker grijsbruine rug, net als de verwanten.
Verwarringssoorten
De Indische ralreiger (Ardeola grayii) heeft in broedkleed een bleke okerbeige kop en hals en een kastanjebruine rug, dus ongeveer het omgekeerde kleurpatroon. In winterkleed zijn beide, en ook de ralreiger (Ardeola ralloides), in het veld niet betrouwbaar te scheiden; een determinatie van een vogel in winterkleed is daarom vrijwel nooit te aanvaarden. Een Chinese ralreiger in overgangskleed met de eerste kastanjebruine veren in de hals is het moment om hem te herkennen.
Leefgebied
Waterzuiveringen, vijvers, sloten en overstroomde velden met dichte oevervegetatie; in het gidsgebied steeds in gezelschap van of op dezelfde plekken als Indische ralreigers.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de leefgebieden van Noord-Afrika en het Midden-Oosten.
Verspreiding en trek
Een uiterst zeldzame dwaalgast in Oost-Arabië, met slechts enkele gevallen, vooral uit Oman en de Verenigde Arabische Emiraten, van vogels in (overgang naar) broedkleed in het voorjaar. Uit de rest van het gidsgebied zijn geen zekere gevallen bekend. Daarbuiten broedt hij in China, Korea en aangrenzend Zuidoost-Azië en overwintert hij in Zuidoost-Azië; dwaalgasten bereiken onder meer India, Pakistan, Japan en Europa.
Hoe en wanneer kijken
Controleer in maart en april elke ralreiger op de waterzuiveringen van Oman en de Emiraten die donker in de hals begint te kleuren. Foto's zijn onmisbaar: een geval wordt alleen aanvaard als het broedkleed duidelijk zichtbaar is.
Staat van instandhouding
Wereldwijd niet bedreigd en in Oost-Azië algemeen. In het gidsgebied een dwaalgast zonder vaste plaats; het geringe aantal gevallen komt deels doordat vogels in winterkleed onherkenbaar zijn, waardoor hij waarschijnlijk vaker voorkomt dan bekend.
Wetenschappelijke naam
Ardeola bacchus | (Bonaparte, 1855)
Bonaparte beschreef de soort in 1855 als Buphus bacchus; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Ardeola werd in 1822 ingevoerd door Boie. Ardeola is Latijn, een verkleinwoord van ardea 'reiger', dus 'reigertje'. bacchus verwijst naar Bacchus, de Romeinse god van de wijn, naar de wijnrode kop en hals in het broedkleed. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit het Maleisisch schiereiland.

