Alle soorten › Hoenderachtigen › Tandkwartels › Zwartkeeltandkwartel

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Eend- en hoendervogels Galloanserae

Zwartkeeltandkwartel | Odontophorus dialeucos

Tacarcuna Wood Quail | Corcovado del Tacarcuna

De zwartkeeltandkwartel is een van de minst bekende vogels van het gidsgebied. Hij leeft alleen in het bergbos van de Serranía del Darién op de grens van Panama en Colombia en werd pas in 1963 beschreven, naar vogels van de Cerro Malí en de Cerro Tacarcuna. Over stem, voedsel en broedgedrag is vrijwel niets gepubliceerd.

Van deze soort bestaat geen foto van een levende wilde vogel met een geschikte Creative Commons-licentie. Heb je er een die aan de regels voldoet? Stuur hem in.

Geluid

Vrijwel onbekend. Vermoedelijk, zoals bij verwante tandkwartels, een ritmisch duet dat vooral bij dageraad klinkt.

Luister: ZangXC728899

Opname: Isaac N Pizarro T — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

22–28 cm; een gedrongen tandkwartel met een korte staart. Het mannetje heeft een zwarte kruin en een zwarte keel, met een witte wenkbrauwstreep, witte teugel en een witte kin. De zijkant van de hals en de mantel zijn kaneelkleurig; rug en stuit zijn olijfbruin met zwarte vermiculatie. Borst en buik zijn kastanjebruin met kleine witte vlekjes. Het vrouwtje lijkt op het mannetje, maar heeft warmer okerbruine onderdelen. Jonge vogels hebben minder wit op de kin en meer zwart op de keel.

Verwarrings­soorten

In zijn kleine verspreidingsgebied komt geen andere tandkwartel op dezelfde hoogte voor; de zwart-witte kop met kastanjebruine onderdelen is kenmerkend. De gemarmerde tandkwartel Odontophorus gujanensis leeft lager in Darién, is egaal donkerbruin en heeft een oranjerode huid rond het oog. De langpootkwartel Rhynchortyx cinctus is kleiner, zonder kuif, met een roestoranje gezicht. De chocótinamoe Crypturellus kerriae heeft geen kuif en geen zwart-witte kop en leeft in de voetheuvels.

Leefgebied

De bodem van nat bergbos en nevelwoud tussen ongeveer 1050 en 1450 m. Waarschijnlijk, zoals andere tandkwartels, in kleine groepjes die in het bladstrooisel naar voedsel zoeken; gegevens daarover ontbreken.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied alleen in de Serranía del Darién in het oosten van de provincie Darién in Panama, bekend van de Cerro Tacarcuna en de Cerro Malí. Buiten het gidsgebied in hetzelfde gebergte aan de Colombiaanse kant, in het noordwesten van Chocó. Het hele verspreidingsgebied beslaat slechts enkele honderden vierkante kilometers.

Hoe en wanneer kijken

Het gebied is afgelegen, alleen met een meerdaagse expeditie te voet bereikbaar en ligt in de grenszone met Colombia, waar de toegang beperkt is. De soort wordt daardoor zelden waargenomen.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd volgens de huidige beoordeling; eerder als kwetsbaar en later als gevoelig ingedeeld. Het verspreidingsgebied is zeer klein, maar het bos in het afgelegen gebergte is grotendeels intact en de populatie lijkt stabiel. Het Panamese deel valt binnen het Nationaal Park Darién.

Wetenschappelijke naam

Odontophorus dialeucos | Wetmore, 1963

Wetmore beschreef de soort in 1963 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Odontophorus werd in 1816 ingevoerd door Vieillot. Odontophorus is Grieks, van odous, odontos 'tand' en -phoros 'dragend': 'tanddrager', naar de getande rand van de ondersnavel. dialeucos is Grieks, van dia- 'door en door' en leukos 'wit': 'met wit doorschoten', naar de witte tekening op kop en keel. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Serranía del Darién (Cerro Malí), Panama.