Alle soorten › Anjerachtigen › Zonnedauwfamilie › Drosera hirticalyx

Drosera hirticalyx

De zonnedauw met de behaarde kelk, want dat is wat de naam betekent. Drosera hirticalyx werd in 1995 beschreven door de Venezolaanse botanicus Rodrigo Duno de Stefano en de Britse botanicus Alastair Culham, die in dezelfde periode ook Drosera yutajensis van de tepuis beschreven. Het is een soort van de hooglanden van het Guyana-schild, die in de Braziliaanse synopsis van 2022 ook voor Brazilië wordt opgenomen.

Drosera hirticalyx
Foto: Morten Ross — CC BY 4.0 · iNaturalist

Herkenning

Een meerjarige rozetplant van de tafelbergen, met dicht met tentakels bezette bladeren. Het onderscheidende kenmerk zit in de bloem: de kelkbladen zijn opvallend behaard, wat de soort van de meeste andere Guyana-zonnedauwen scheidt. Maten en een bevestigde bloemkleur konden in de beschikbare bronnen niet worden nagegaan; de maatvelden blijven leeg.

Gelijkende soorten

Drosera roraimae is de bekendste zonnedauw van de tepuis en groeit in hetzelfde soort landschap; zij heeft lange bladstelen met een smalle schijf. Drosera arenicola, Drosera solaris en Drosera kaieteurensis zijn andere hooglandsoorten. De behaarde kelk is het beste kenmerk, maar vraagt een loep en een bloeiende plant; zonder bloem is de soort nauwelijks met zekerheid te herkennen.

De val en hoe hij werkt

Een actieve lijmval. De tentakels op de bladeren vangen kleine insecten, die daarna door de omringende tentakels worden omsloten en verteerd. In het koele, natte klimaat van de tepuis zijn muggen en springstaarten de belangrijkste prooi.

Standplaats en ecologie

De koele, natte hooglanden van het Guyana-schild: open plekken op zandsteen, veenmoskussens en drassige grond in lage vegetatie, en de randen van dwergbos en nevelwoud (R5, W1, B4). Nadere gegevens over hoogte en bodem konden niet worden nagegaan.

Verspreiding en hoogte

Het Guyana-schild in het noordoosten van Zuid-Amerika, met vermeldingen uit Venezuela, Guyana en het noorden van Brazilië. De opname in de Braziliaanse synopsis bevestigt het voorkomen in Brazilië; de precieze verspreiding over de tafelbergen kon hier niet worden nagegaan.

  • Waargenomen (hokken van een graad)
Verspreiding uitsluitend op basis van waarnemingen bij GBIF (Global Biodiversity Information Facility), niet op TDWG-regio's: die zijn vaak veel groter dan het werkelijke areaal. De lichte halo is het gebied rond een waarneming, de donkere kern de waarneming zelf. De donkere hokken zijn 4 vakken van een hele graad — ruwweg honderdtien kilometer — waarin de soort is waargenomen, uit alle waarnemingen bij GBIF. Deze maat is grover dan bij de meeste soorten, omdat van deze plant vrijwel geen enkele waarneming een nauwkeurige coördinaat draagt: de vindplaats van bestroopte soorten wordt bij de bron vertroebeld. Op deze schaal verdwijnt dat in de ruis. Ze zeggen waar hij is gezíén, niet waar hij voorkomt: een leeg vak betekent niets.

Vormen en variatie

Er worden geen variëteiten erkend. De soort is een van de weinige Guyana-zonnedauwen die in de laatste decennia van de twintigste eeuw nieuw zijn beschreven, in een periode waarin moleculair onderzoek van het geslacht op gang kwam; Culham was betrokken bij vroeg DNA-onderzoek naar de verwantschappen binnen Drosera.

Waar en wanneer te zien

Een soort voor deelnemers aan tepui-expedities. Fotografeer bij elke bloeiende zonnedauw de kelk van dichtbij, bij voorkeur met een macrolens of loep: de beharing is het doorslaggevende kenmerk. Noteer hoogte en standplaats en betreed de veenkussens niet.

Staat van instandhouding

Niet geëvalueerd voor de wereldwijde IUCN-Rode Lijst en niet opgenomen in CITES. De groeiplaatsen liggen op moeilijk bereikbare tafelbergen, grotendeels in beschermde gebieden. Klimaatverandering is op de lange termijn het grootste risico; over aantallen en trends is niets bekend.

Wetenschappelijke naam

Drosera hirticalyx | Duno & Culham, 1995

Beschreven door R. Duno & Culham in 1995, in Novon, deel 5, p. 241. Venezuela, staat Amazonas, district Atabapo, Cerro Marahuaca-Huha, een vrijwel vlakke, onbeboste top met blootliggende stenen, op 2580 m hoogte. Verzameld op 31 januari 1982; holotype in NY, isotype in VEN. Van het Latijnse hirtus ("ruig behaard") en calyx ("kelk") — "behaarde kelk", vermoedelijk verwijzend naar een onderscheidend behaard kelkkenmerk ten opzichte van verwante soorten.

World Checklist of Vascular Plants (WCVP), via Plants of the World Online (POWO), Royal Botanic Gardens, Kew.