Alle soorten › Pelikaanachtigen › Schoenbekken
Schoenbekken | Balaenicipitidae
Shoebill | Picozapato
Een familie met één soort, de Schoenbekooievaar (Balaeniceps rex). Hij leeft in uitgestrekte papyrus- en rietmoerassen van Zuid-Soedan tot Zambia, waar de Bangweulu-moerassen het zuidelijkste bolwerk vormen. De vogel is tot anderhalve meter hoog en heeft een spanwijdte van ruim twee meter. Het meest opvallende is de enorme, opgeblazen snavel in de vorm van een klomp. Die snavel eindigt in een scherpe haak en heeft messcherpe randen, waarmee prooien worden gegrepen, onthoofd en van waterplanten ontdaan. De Schoenbekooievaar jaagt alleen en is een uitgesproken hinderlaagjager. Roerloos als een standbeeld wacht hij, soms urenlang, aan de rand van open water of op drijvende vegetatie. Dan stort hij zich met gespreide vleugels voorover en klapt zijn snavel dicht over prooi en planten tegelijk. Het hoofdvoedsel is longvis, meerval en tilapia, aangevuld met waterslangen, kikkers, jonge krokodillen en varanen. In de vlucht wordt de hals ingetrokken, zoals bij pelikanen. De soort is grotendeels stil, maar klepperen met de snavel is een belangrijke begroeting bij het nest. Het nest ligt op een platform van drijvende planten en bevat één tot drie eieren. Meestal overleeft slechts één jong, want het oudste jong doodt of verdringt vaak zijn broertjes en zusjes. De systematische plaats is lang omstreden geweest, tussen ooievaars, reigers en pelikanen. Tegenwoordig wordt de soort bij de pelikanen ingedeeld, met de hamerkop als naaste verwant.
Inheemse soorten 1 soort
Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.
Balaeniceps 1 soort

