Alle soorten › Zangvogels › IJsgorzen en sneeuwgorzen › McCowns ijsgors

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

McCowns ijsgors | Rhynchophanes mccownii

Thick-billed Longspur | Escribano de McCown

De McCowns ijsgors is een gedrongen gors met een dikke snavel, die broedt op de kortgrasprairies van Noord-Amerika. In het gidsgebied is hij een wintergast op de kale, kortgrazige vlakten van het noorden van Mexico. In de vlucht valt vooral de grotendeels witte staart met een zwarte omgekeerde T op.

McCowns ijsgors (Rhynchophanes mccownii)
Foto: Andeansolitaire — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

In de vlucht een droog, rollend tsjirr of ratel en een kort pit. De zang, in de winter zelden te horen, is een heldere, kwetterende reeks die in een zangvlucht wordt gegeven.

Luister: ZangXC153625

Opname: Paul Marvin — CC BY-NC-SA 3.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

14–15 cm. Gedrongen, met een opvallend dikke, roze tot lichte snavel en een korte staart. In winterkleed vaal grijsbruin met een lichte, weinig getekende kop, een vage borstband en een roodbruine vleugelvlek op de kleine dekveren; onderdelen licht. Staart wit met een zwarte middenstreep en een brede zwarte eindband, die samen een omgekeerde T vormen. Het mannetje in zomerkleed, soms al in maart te zien, heeft een zwarte kruin, zwarte borstvlek en roodbruine schouder.

Verwarrings­soorten

De roodhalsgors Calcarius ornatus is kleiner, met een dunnere snavel en een witte staart met een zwarte driehoek aan de punt. De ijsgors Calcarius lapponicus heeft een donkere staart met wit op de buitenste pennen, een donkere wangrand en roodbruine grote dekveren. De strandleeuwerik Eremophila alpestris heeft een dunne snavel, een zwart-geel gezichtspatroon en een overwegend zwarte staart.

Leefgebied

In de winter kaal en kortgrazig grasland, zeer droge graslanden met veel open grond, omgeploegde akkers en stoppelvelden. Leeft in groepen, vaak samen met strandleeuweriken en andere ijsgorzen. Eet zaden van grassen en kruiden.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Broedt in de kortgrasprairies van het zuiden van Canada en het noorden van de Great Plains in de Verenigde Staten. Overwintert in het zuidwesten van de Verenigde Staten en het noorden van Mexico, vooral op de hoogvlakten van Chihuahua, Durango en Coahuila, schaarser in Sonora en zuidelijker tot Zacatecas.

  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Te zoeken op de uitgestrekte graslanden rond Janos in het noordwesten van Chihuahua; bij opvliegende groepen geeft het staartpatroon de doorslag.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC). De aantallen zijn sinds het midden van de twintigste eeuw sterk gedaald door de omzetting van prairie in akkerland. Ook het verlies van graslanden in het noorden van Mexico treft deze soort.

Wetenschappelijke naam

Rhynchophanes mccownii | (Lawrence, 1851)

Lawrence beschreef de soort in 1851 als Plectrophanes mccownii; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Rhynchophanes werd in 1858 ingevoerd door Baird. Rhynchophanes is Grieks, van rhunkhos 'snavel' en -phanēs 'tonend', naar de opvallend dikke snavel. mccownii eert de Amerikaanse legerofficier en verzamelaar John Porter McCown (1815–1879), die het eerste exemplaar verzamelde. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit hoogvlakten van West-Texas (VS).