Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Kolibries › Calliopekolibrie

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Nachtzwaluwen en gierzwaluwen Strisores

Calliopekolibrie | Selasphorus calliope

Calliope Hummingbird | Colibrí garganta rayada

De calliopekolibrie is de kleinste vogel die in Canada en de Verenigde Staten broedt. Bijna de hele wereldstand overwintert in het westen van Mexico, vooral in Jalisco en Nayarit. Een klein aantal broedt in de hoge naaldbossen van het noorden van Baja California.

Calliopekolibrie (Selasphorus calliope)
Foto: Gregory "Slobirdr" Smith — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Vrij stil. De roep is een zacht, hoog tsip. Bij de baltsduik maakt het mannetje met vleugels en staart een kort, droog zoemend pzzt, gevolgd door een hoog tsie-ie.

Luister: RoepXC1134116

Opname: Don Profota — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

7–8 cm, met een korte, dunne, rechte zwarte snavel en een korte staart; de vleugelpunten reiken in rust tot voorbij het staarteinde. Het mannetje is groen van boven en wittig van onder met groenige flanken; de witte keel heeft lange, smalle magentarode strepen die een gestreepte, uitwaaierende keelvlek vormen. Het vrouwtje is groen van boven, met een lichte keel met fijne donkere stippels, een lichte zalmbruine zweem op borst en flanken en weinig roestbruin aan de staartbasis. De lichte teugel en de korte snavel geven de kop een zacht uiterlijk.

Verwarrings­soorten

Vrouwtjes van de rosse kolibrie Selasphorus rufus en allens kolibrie Selasphorus sasin zijn groter en langer van staart, met meer roestbruin op de flanken en veel roestbruin aan de staartbasis. De breedstaartkolibrie Selasphorus platycercus is groter en duidelijk langer van staart. Het vrouwtje van de hommelkolibrie Selasphorus heloisa leeft in vochtiger bergbos, heeft een kaneelbruine zweem op de flanken en een afgeronde staart met roestbruine basis.

Leefgebied

Broedt in open naaldbos, bosranden en bloemrijke open plekken in het hooggebergte. In de winter in dennen-eikenbos en droog bos in middelhoge streken, aan bosranden, in struweel en in tuinen met bloeiende planten; op de trek ook in bergweiden. In het gidsgebied vooral tussen ongeveer 500 en 3000 m.

Verspreiding en trek

Overwintert vooral in het westen van Mexico, van Sinaloa via Nayarit en Jalisco tot Colima en Michoacán, in kleiner aantal tot Guerrero, de staat México en Morelos. Op de doortrek in het voorjaar vooral langs de Pacifische kant en in het najaar door de Sierra Madre Occidental in Sonora, Chihuahua en Durango. Broedt in klein aantal in de Sierra San Pedro Mártir en de Sierra de Juárez in Baja California. Het grootste deel van het broedgebied ligt in het westen van de Verenigde Staten en het zuidwesten van Canada.

  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

In de winter bij bloeiende struiken en bomen aan bosranden in de bergen van Jalisco en Nayarit. Het mannetje is te herkennen aan de gestreepte keel, die bij het opzetten van de veren als een waaier opengaat.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De wereldstand is vrij groot en lijkt stabiel. In het winterkwartier is de soort afhankelijk van bloemrijk bos in middelhoge streken in het westen van Mexico.

Wetenschappelijke naam

Selasphorus calliope | (Gould, 1847)

Gould beschreef de soort in 1847 als Trochilus (Calothorax) Calliope; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Selasphorus werd in 1832 ingevoerd door Swainson. Selasphorus is Grieks, van selas 'licht, vlam' en -phoros 'dragend': 'lichtdrager', naar de vurig glanzende keel. calliope verwijst naar Kalliope, de Griekse muze van de epische poëzie; de naam betekent 'mooie stem'. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Mexico.