Alle soorten › Steltloperachtigen › Scholeksters › Amerikaanse bonte scholekster

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Kraanvogels en steltlopers Gruimorphae

Amerikaanse bonte scholekster | Haematopus palliatus

American Oystercatcher | Ostrero americano

De Amerikaanse bonte scholekster is een grote, gedrongen steltloper met een zwarte kop, een donkerbruine rug, een witte buik en een lange, rechte, oranjerode snavel. Hij leeft langs zandige en rotsige kusten aan beide oceanen, van Baja California en de Golfkust van Mexico tot Panama, maar is in een groot deel van het gidsgebied schaars en plaatselijk.

Amerikaanse bonte scholekster (Haematopus palliatus)
Foto: Peter Wallack — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Zeer luidruchtig. De roep is een luid, doordringend kliep of wiek, vaak in reeksen. Bij territoriumgeschillen en de balts lopen of vliegen paren naast elkaar met een versnellend, schel getjilp dat in een triller overgaat.

Luister: DuetXC1008553

Opname: Jonas Nilsson — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

40–44 cm, gedrongen, met een dikke hals en vrij korte, stevige, bleekroze poten. Kop en hals zijn zwart, rug en bovenvleugel donkerbruin, borst en buik wit. De snavel is lang, recht, zijdelings afgeplat en helder oranjerood; het oog is geel met een oranjerode oogring. In de vlucht vallen een brede witte vleugelstreep en een witte stuit op. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk; jonge vogels hebben een bruinere kop, lichte randen aan de veren van de bovendelen en een doffere snavel met een donkere punt. Bij de vogels in het noordwesten van Mexico is de grens tussen de zwarte borst en de witte buik gevlekt in plaats van scherp.

Verwarrings­soorten

De Amerikaanse zwarte scholekster Haematopus bachmani, alleen langs de Pacifische kust van Baja California, is geheel donker, zonder wit in vleugel en stuit; daar komen ook bastaarden met een gevlekte buik voor. De Amerikaanse schaarbek Rynchops niger is ook zwart-wit met een rood-zwarte snavel, maar heeft korte poten, lange smalle vleugels en een ondersnavel die langer is dan de bovensnavel. De willet Tringa semipalmata toont in de vlucht eveneens een opvallend zwart-wit vleugelpatroon, maar is grijs en heeft een donkere snavel.

Leefgebied

Zandstranden, rotskusten, getijdenvlakten met schelpdierbanken, estuaria, randen van mangrove en kleine eilanden aan zee; altijd dicht bij zout water. Eet vooral schelpdieren zoals mosselen en oesters, die met de snavel worden opengewrikt of opengehakt, daarnaast krabben, wormen en andere ongewervelden. Het nest is een ondiep kuiltje in zand of grind boven de vloedlijn, vaak op strandwallen of eilandjes.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

In Mexico langs de Pacifische kust van Baja California en langs de Golf van Californië, en verder zuidelijk langs de kust van het vasteland tot Oaxaca en Chiapas; aan de Atlantische kant van Tamaulipas langs de Golfkust tot het schiereiland Yucatán. In Midden-Amerika schaars en plaatselijk langs de Pacifische kust van Guatemala tot Panama, en zeldzamer aan de Caribische kust; in de Golf van Panama, onder meer op de Pareleilanden, in grotere aantallen. In het noordwesten van Mexico leeft de ondersoort H. p. frazari, elders de nominaatvorm H. p. palliatus. Buiten het gidsgebied langs de kusten van het oosten van de Verenigde Staten, in het Caribisch gebied en in Zuid-Amerika tot Chili en Argentinië.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Goede plekken zijn de stranden en eilandjes van de Golf van Californië, de kust van het schiereiland Yucatán en de Golf van Panama. De vogels zijn vaak eerst te horen: paren roepen luid bij verstoring en vliegen laag over het water weg, waarbij de witte vleugelstreep opvalt.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. In het gidsgebied plaatselijk vrij algemeen in de Golf van Californië, elders schaars. Verstoring van broedstranden door recreatie en honden, bebouwing van de kust en het overspoelen van nesten bij hoogwater zijn de belangrijkste bedreigingen.

Wetenschappelijke naam

Haematopus palliatus | Temminck, 1820

Temminck beschreef de soort in 1820 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Haematopus werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Haematopus is Grieks, van haima 'bloed' en pous 'voet', naar de rode poten. palliatus is Latijn voor 'gemanteld', van pallium 'mantel', naar de donkerbruine rug en vleugels. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Venezuela (later beperkt; oorspronkelijk Zuid-Amerika).