Alle soorten › Zangvogels › Zijdevliegenvangers

Zijdevliegenvangers | Ptiliogonatidae

Silky-flycatchers | Capulineros

Deze kleine familie komt alleen in Noord- en Midden-Amerika voor; alle vier soorten in drie geslachten staan in de gids. De grijze zijdevliegenvanger leeft in de bergen van Mexico en Guatemala, de langstaartzijdevliegenvanger en de zwartgele Phainoptila zijn beperkt tot de hooglanden van Costa Rica en het westen van Panama, en de zwart glanzende Phainopepla bewoont droge struwelen en woestijnen in het noorden en midden van Mexico. De naam slaat op het zachte, gladde verenkleed, en de nauwste verwanten zijn de pestvogels. Ze zijn slank, vaak met een kuif en een vrij lange staart, en zitten graag rechtop op een uitstekende tak, vanwaar ze uitvliegen naar insecten. Toch leven ze een groot deel van het jaar van bessen, vooral van maretak: de vruchten passeren het darmkanaal snel en de zaden komen op takken terecht, zodat deze vogels belangrijke verspreiders van die halfparasieten zijn. Buiten de broedtijd trekken ze vaak in kleine, losse groepen rond. Het nest is een kommetje van plantenvezels en korstmossen in een boom, met twee of drie eieren, en bij de Phainopepla broedt ook het mannetje.

Inheemse soorten 4 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Phainoptila 1 soort

Phainopepla 1 soort

Ptiliogonys 2 soorten