Alle soorten › Roofvogels › Havikachtigen › Gundlachs havik

Gundlachs havik | Astur gundlachi

Gundlach's Hawk | Gavilán de Gundlach

Gundlachs havik is de enige endemische havik van het Caribisch gebied en een van de zeldzaamste roofvogels van Cuba. Het is een krachtige bosjager die vrijwel alleen vogels vangt, van duiven en papegaaien tot kippen op het erf, wat hem bij boeren weinig geliefd maakt. Er worden twee ondersoorten onderscheiden: A. g. gundlachi in het westen en midden en A. g. wileyi in het oosten van het eiland. De soort werd lang in het geslacht Accipiter geplaatst.

Gundlachs havik (Astur gundlachi)
Foto: Roberto Jovel — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Meestal stil, maar rond het nest luidruchtig. De gewone roep is een harde, kakelende reeks kek-kek-kek-kek; daarnaast klinkt een langgerekt, jammerend kiiieeh. Het mannetje roept hoger en helderder dan het vrouwtje.

Luister: RoepXC146106

Opname: Tim Burr — CC BY-NC-SA 3.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

43–51 cm, een middelgrote, gedrongen havik met korte, afgeronde vleugels en een lange, aan het eind afgeronde staart. Het vrouwtje is duidelijk groter dan het mannetje. Volwassen vogels zijn van boven donker leigrijs met een zwartachtige kruin en grijze wangen. De onderdelen zijn fijn grijs en roestroze gebandeerd, de onderstaartdekveren wit. De staart heeft brede donkere banden. Het oog is oranje tot rood, de poten zijn geel. Onvolwassen vogels zijn van boven bruin en van onder lichtgeelbruin met zware donkere lengtestrepen. De vlucht bestaat uit enkele snelle vleugelslagen afgewisseld met korte glijvluchten; boven het bos cirkelt hij soms op ronde vleugels.

Verwarrings­soorten

De Amerikaanse sperwer Accipiter striatus heeft dezelfde bouw, maar is veel kleiner, met een rechter afgesneden staart en een minder zware kop. De breedvleugelbuizerd Buteo platypterus heeft bredere vleugels, een kortere staart met brede witte banden en zit vaker langdurig stil op een open uitkijkpost. Onvolwassen Gundlachs haviken lijken op onvolwassen sperwers, maar zijn groter en zwaarder gebouwd.

Leefgebied

Bosranden en open plekken in droog, halfgroen en vochtig loofbos, pijnbos, kustbos en mangrove, van de kust tot ongeveer 800 m hoogte; ook in mozaïeklandschap met bosjes en erven. Jaagt vanuit dekking met een korte, snelle aanval, vooral op duiven, kwartelduiven, papegaaien en parkieten, ook op hoenders. Het nest is een platform van takken hoog in een boom.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.

Verspreiding en trek

Alleen op Cuba, verspreid in een aantal gescheiden kerngebieden, met de meeste vogels in de oostelijke helft van het eiland; ook in kustgebieden en op enkele grotere cays. Overal schaars. Buiten Cuba komt de soort niet voor.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

De kans is het grootst in uitgestrekt kust- en laaglandbos in het oosten van Cuba en in het moerasgebied van Zapata. De vogel zit meestal verscholen in de kroon; een plotselinge onrust onder duiven of papegaaien wijst vaak op zijn aanwezigheid. Midden op de ochtend wordt hij soms cirkelend boven de bosrand gezien.

Staat van instandhouding

Bedreigd. De wereldpopulatie wordt geschat op enkele honderden volwassen vogels. De belangrijkste bedreigingen zijn ontbossing en houtkap, en het afschieten van vogels door boeren die hun pluimvee willen beschermen.

Wetenschappelijke naam

Astur gundlachi | (Lawrence, 1861)

Lawrence beschreef de soort in 1861 als Accipiter Gundlachi; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Astur werd in 1799 ingevoerd door De Lacépède. Astur is laat-Latijn voor 'havik'. gundlachi eert de Duits-Cubaanse natuuronderzoeker Juan (Johannes) Gundlach (1810–1896), die decennialang de fauna van Cuba bestudeerde. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Hanábana, Cuba.