Alle soorten › Kolibries en gierzwaluwen › Kolibries › Groenkeelmango

Groenkeelmango | Anthracothorax viridigula

Green-throated Mango | Mango gorjiverde

De groenkeelmango is een kolibrie van de kustmoerassen en mangroven van het noordoosten van Zuid-Amerika, die in het gebied alleen op Trinidad voorkomt. Hij is daar veel schaarser dan de zwartkeelmango en wordt vaak over het hoofd gezien, omdat vrouwtjes van de twee soorten sterk op elkaar lijken.

Groenkeelmango (Anthracothorax viridigula)
Foto: Russ Hedley — CC BY-NC 4.0 · iNaturalist

Geluid

Een kort tsjep, vaak in de vlucht of zwevend gegeven. De zang is een zeer hoge, licht dalende triller.

Luister: VluchtroepXC691679

Opname: Dante Buzzetti — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

11–12 cm, met een gebogen zwarte snavel. Het mannetje is glanzend bronsgroen van boven; keel en onderdelen zijn groen, met een zwarte middenstreep die pas op de borst begint en tot op de buik doorloopt. De middelste staartpennen zijn donkerbruin tot groen, de buitenste glanzend paars met donkerblauwe punten. Het vrouwtje is van boven bronsgroen met een roodachtige zweem en van onder wit met een zwarte middenstreep; de buitenste staartpennen hebben witte punten.

Verwarrings­soorten

Het mannetje van de zwartkeelmango Anthracothorax nigricollis heeft een zwarte streep die al op de kin begint en over de hele keel loopt, en een paarsrode staart. Vrouwtjes van beide soorten zijn in het veld vaak niet met zekerheid te onderscheiden; een vrouwtje in mangrove of kustmoeras met verspreide bomen is eerder een groenkeelmango, maar de zwartkeelmango komt daar ook voor. De witnekkolibrie Florisuga mellivora heeft een rechte snavel en een witte staart.

Leefgebied

Mangrove, moerasbos en vochtige, deels overstroomde laaglandsavanne met verspreide hoge bomen, van zeeniveau tot ongeveer 500 m. Zoekt bloeiende bomen op, vaak hoog in de kroon.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.

Verspreiding en trek

Op Trinidad een schaarse en lokale standvogel, vooral in mangroven en moerassige kustgebieden; niet op Tobago. Daarbuiten langs de kust van het noordoosten van Venezuela door de Guyana’s tot het noordoosten van Brazilië en langs de Amazone landinwaarts.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,18° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het best te zoeken in en langs mangroven en kustmoerassen op Trinidad, bij bloeiende bomen aan de rand. Alleen mannetjes, met de groene keel goed in beeld, zijn met zekerheid te determineren.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De soort heeft een groot verspreidingsgebied in Zuid-Amerika. Op Trinidad maakt de beperking tot kustmoerassen en mangroven haar gevoelig voor verlies van die gebieden.

Wetenschappelijke naam

Anthracothorax viridigula | (Boddaert, 1783)

Boddaert beschreef de soort in 1783 als Trochilus viridigula; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Anthracothorax werd in 1831 ingevoerd door Boie. Anthracothorax is Grieks, van anthrax 'kool' (dus 'zwart') en thōrax 'borst', naar de zwarte middenstreep op borst en buik. viridigula is Latijn, van viridis 'groen' en gula 'keel', naar de groene keel. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Cayenne, Frans-Guyana.