Alle soorten › Kraanvogelachtigen › Kraanvogels › Canadese kraanvogel
Canadese kraanvogel | Antigone canadensis
Sandhill Crane | Grulla canadiense
De Canadese kraanvogel is een grote, grijze kraanvogel met een rode kruin. In het Caribisch gebied leeft een eigen, niet-trekkende ondersoort, Antigone canadensis nesiotes, die alleen op Cuba voorkomt. Deze Cubaanse populatie telt enkele honderden vogels, verdeeld over een reeks gescheiden gebieden, met het zwaartepunt op Isla de la Juventud. Op Cuba heet hij grulla.
Geluid
Een luid, rollend trompetgeluid, garroo-oo-oo, met een sterk gerolde r, dat kilometers ver draagt. Paren roepen in duet, waarbij het vrouwtje twee tonen geeft op elke toon van het mannetje. Jonge vogels geven een hoog, fluitend piepen.
Opname: Don Profota — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
86–122 cm; de Cubaanse vogels behoren tot de kleinere vormen. Lang, slank en hoogbenig, met een lange hals en een rechte, donkere snavel. Het verenkleed is egaal grijs; de volwassen vogel heeft een kale, rode kruin en een witachtige wang en keel. Veren kunnen roestbruin verkleurd zijn door ijzerhoudende modder, die de vogels bij het poetsen opbrengen. De binnenste armpennen vormen een hangende ‘pluim’ over de staart. Jonge vogels missen de rode kruin en zijn op kop, hals en bovendelen bruiner. Vliegt met gestrekte hals en gestrekte poten, met trage slagen waarbij de opslag snel en kort is.
Verwarringssoorten
De Amerikaanse blauwe reiger Ardea herodias is ongeveer even hoog, maar vliegt met ingetrokken hals, heeft een gele, dolkvormige snavel en een zwarte kopstreep. De kaalkopooievaar Mycteria americana is wit met zwarte slagpennen en een kale, donkere kop met dikke, gebogen snavel. Andere kraanvogels komen in het gebied niet voor.
Leefgebied
Droge en seizoensgebonden overstroomde graslanden en savannes, vaak met verspreide palmen of pijnbomen, en de moerassen in de buurt. Op Isla de la Juventud ook in open pijnsavanne op witte zandgrond. Foerageert lopend op knollen, zaden, insecten, kleine reptielen en andere kleine dieren. Broedt van eind februari tot in juni in een nest van gras en plantenmateriaal op de grond of in ondiep water.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.
Verspreiding en trek
Binnen het gebied alleen op Cuba: op Isla de la Juventud en op een reeks verspreide plaatsen op het hoofdeiland, van Pinar del Río tot in het oosten, met onder meer populaties in het Zapata-moeras en in de savannes van Camagüey. Van de noordelijke Bahama's zijn enkele losse waarnemingen bekend, vermoedelijk dwaalgasten uit Florida. Buiten het gebied broedt de soort in Noord-Amerika, van het noordoosten van Siberië en Alaska tot de Grote Meren, en met standvogelpopulaties in Florida, Mississippi en het zuiden van Georgia; de noordelijke vogels overwinteren in het zuiden van de Verenigde Staten en het noorden van Mexico.
- Jaarrond
- Wintergast (ca. apr–sep)
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Isla de la Juventud biedt de beste kansen, in de open savannes in het noorden van het eiland. Op het hoofdeiland zijn de vogels schuw en worden ze vaak eerst aan hun roep opgemerkt. De vogels zijn kwetsbaar voor verstoring, zeker in de broedtijd, en worden het best op afstand bekeken.
Staat van instandhouding
Wereldwijd niet bedreigd. De Cubaanse ondersoort is klein en versnipperd en geldt als bedreigd. Bedreigingen zijn het verlies van savanne door omzetting naar landbouwgrond en door verbossing, jacht en het rapen van eieren. Op Cuba lopen onderzoek naar broedsucces en verspreiding, beheer van leefgebied met gecontroleerd branden en voorlichting.
Wetenschappelijke naam
Antigone canadensis | (Linnaeus, 1758) (GBIF: Grus canadensis)
Linnaeus beschreef de soort in 1758 als Ardea canadensis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Antigone werd in 1853 ingevoerd door Reichenbach. Antigone komt uit de Griekse mythologie: Antigone, dochter van koning Laomedon van Troje, vergeleek haar schoonheid met die van Hera en werd in een ooievaar veranderd. Linnaeus verwarde haar vermoedelijk met Gerana, de koningin van de pygmeeën, die om dezelfde reden in een kraanvogel werd veranderd. canadensis is modern Latijn voor 'uit Canada'. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit de Hudsonbaai.



