Alle soorten › Zangvogels › Vireo's

Vireo's | Vireonidae

Shrike-babblers, Erpornis and vireos | Vireos

De snavel is zwaarder dan bij de meeste insecteneters van vergelijkbaar formaat en eindigt in een klein haakje, waarmee een rups tegen een tak wordt geklemd en aan stukken gescheurd. Het foerageren gaat opvallend traag en bedachtzaam: de vogel schuift stap voor stap door het bladerdak, blijft telkens even stilzitten en tuurt naar de onderkant van de bladeren voordat hij toeslaat — die kalme, bijna aarzelende beweging verraadt hem vaak eerder dan zijn kleur. De zang bestaat uit korte, wat schorre zinnetjes met steeds een pauze ertussen, urenlang volgehouden, ook midden op de dag en tot laat in de zomer wanneer andere soorten al zwijgen; bij verstoring klinkt een nasaal, knorrend gescheld. Het nest is een netjes gevlochten komvormig bakje dat aan de rand is opgehangen in een horizontale takvork, opgebouwd uit bastreepjes, gras en spinrag en aan de buitenkant afgewerkt met korstmos of papierachtige snippers. Beide ouders bebroeden en blijven bij nadering lang zitten.

Inheemse soorten 13 soorten

Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.

Vireo 13 soorten

Dwaalgasten 2 soorten

Verdwaalde vogels uit andere werelddelen of van ver buiten hun gewone gebied.