Alle soorten › Zangvogels › Kraaiachtigen › Bennetts kraai

Bennetts kraai | Corvus bennetti

Little Crow | Cuervo australiano chico

Bennetts kraai is de kraai van het droge binnenland: de kleinste en lichtst gebouwde van de Australische Corvus-soorten, die in losse, rusteloze troepen over mulga (acaciastruweel van het droge binnenland, gedomineerd door Acacia aneura), saltbush (zoutminnend dwergstruweel van zoute vlakten) en gibbervlakte (steenwoestijn met een dek van gepolijste keien) zwerft en in elk binnenlands dorp bij de vuilstort en de drinkbakken te vinden is. Wie haar wil determineren moet vooral luisteren: het oog ziet bij Australische kraaien nauwelijks verschil, het oor wel.

Bennetts kraai (Corvus bennetti)
Foto: Christopher Watson ( http://www.comebirdwatching.blogspot.com/ ) — CC BY-SA 3.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een snelle, nasale reeks nark-nark-nark, hoger en korter afgebeten dan de roep van de andere Australische kraaien en zonder de lange, wegstervende eindnoot van de Australische raaf. Troepen roepen in de vlucht door elkaar heen, wat een kwetterend, bijna klagend geheel oplevert. Van alle kenmerken is de stem in het veld verreweg het betrouwbaarst.

Luister: RoepXC513390

Opname: Nigel Jackett — CC BY-NC-SA 4.0 · Marla, South Australia, Australia · xeno-canto

Herkenning

Een geheel zwarte kraai van 48 tot 50 centimeter met blauwgroene glans, een wit oog bij volwassen vogels en opvallend lange, spitse vleugels. Ze is slanker en lichter dan de andere soorten, met een naar verhouding fijne snavel en een hoog, bol voorhoofd. De keelveren zijn kort en liggen glad, zodat de keel bij het roepen geen ruige baard vormt. De veerbasis is wit, maar dat is alleen in de hand te zien.

Verwarrings­soorten

Dit is het lastigste determinatievraagstuk van de Australische avifauna, en eerlijkheid is hier op zijn plaats: een zwijgende Corvus is vaak niet op naam te brengen. De Australische raaf (Corvus coronoides) is fors groter, met lange, spitse keelveren die bij het roepen als een baard uitstaan, en een lang uitgerekte, wegstervende laatste noot. De kleine raaf (C. mellori) is zwaarder en roept dieper, met een karakteristieke vleugelbeweging. De Australische kraai (C. orru) is groter en zwaarder gesnaveld en overlapt in het noorden. Veerbases — wit bij kraaien, grijs bij raven — beslissen, maar zijn in het veld niet te zien.

Leefgebied

Mulga en acaciastruweel, saltbush- en bluebushvlakte (blauwgrijs zoutstruweel van het halfwoestijnachtige binnenland), gibbervlakte en de randen van spinifexland (stekelig, pollenvormend woestijngras van het binnenland): het open, droge binnenland. Daarnaast nadrukkelijk het menselijke landschap van dat binnenland — dorpen, veeposten, drinkbakken, windmolens, wegen en vuilstortplaatsen — waar water en afval het hele jaar door voedsel opleveren. Dichte bossen en de natte kuststroken mijdt ze.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar hoofdgroep en formatie.

Verspreiding en trek

Het halfdroge en droge deel van het Australische vasteland, met uitzondering van het tropische noorden, het nattere oosten, het zuidoosten en het zuidwesten. Ze is sterk zwerfvogelachtig: troepen volgen regen, oogst en afval en kunnen plaatselijk tot in de honderden oplopen, om daarna weken achtereen te ontbreken. Broeden gebeurt in losse kolonies, ook in windmolens en masten.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
De kaart is een dichtheidsveld en geen ingetekende arealgrens: hij is opgebouwd uit de waarnemingen zelf en houdt zich daarom niet aan staatsgrenzen. De seizoenskleur komt uit de indeling per staat, de kleurdiepte uit de telling van GBIF (2006-2026), geteld per hokje van 0,7° en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Laat de stem beslissen: snel, nasaal en hoog is deze soort; lang uitgerekt en wegstervend de Australische raaf. Let op de bouw — smalle snavel, bol voorhoofd, lange vleugels — en op de keel, die bij het roepen glad blijft in plaats van uit te staan. Zoek in het binnenland bij de vuilstort of de veedrinkbak: daar staan de troepen die je rustig kunt vergelijken.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC). De soort heeft van de ontsluiting van het binnenland eerder geprofiteerd dan geleden: drinkbakken voor vee, graanopslag, wegkarkassen en vuilstortplaatsen hebben water en voedsel voorspelbaar gemaakt in een landschap waar dat van nature zelden is. Plaatselijk wordt ze als schadelijk voor lammeren gezien en bejaagd, zonder dat dit de landelijke stand merkbaar raakt.

Wetenschappelijke naam

Corvus bennetti | North, 1901

North beschreef de soort in 1901, met als typelocatie Moolah in westelijk Nieuw-Zuid-Wales; auteur en jaartal staan zonder haakjes, want het geslacht is niet veranderd. Corvus is het Latijnse woord voor raaf. De soortnaam bennetti eert de Australische natuuronderzoeker en verzamelaar Kenric Harold Bennett, die in datzelfde westen van Nieuw-Zuid-Wales werkte; de Nederlandse naam neemt dat eerbetoon over.