Alle soorten › Stormvogelachtigen › Pijlstormvogels › Australische grote pijlstormvogel

Australische grote pijlstormvogel | Ardenna carneipes

Flesh-footed Shearwater | Pardela paticlara

De Australische grote pijlstormvogel is een forse, egaal donkerbruine pijlstormvogel met brede vleugels en een zware, trage vlucht. Het kenmerk waaraan hij zijn Engelse en Spaanse naam dankt zit aan de onderkant: bleke vleeskleurige poten, en daarbij een roze-witte snavel met een scherp afgetekende donkere haak. Hij broedt op eilanden bij Nieuw-Zeeland, Lord Howe en West-Australië en overwintert in de noordelijke Grote Oceaan.

Australische grote pijlstormvogel (Ardenna carneipes)
Foto: Brian Gratwicke — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Op zee zwijgt hij vrijwel altijd. Boven de kolonie is hij 's nachts luidruchtig: het geluid wordt algemeen beschreven als vechtende katten, een aanhoudend jammeren en kermen met scherpe uithalen, en dat gaat vanuit de holen door tot ver na middernacht. Vogels die 's avonds invallen roepen kort in de vlucht voordat ze zich tussen de vegetatie laten vallen.

Luister: RoepXC794888

Opname: Barry Edmonston — CC BY-NC-SA 4.0 · Taiharuru, Northland, New Zealand · xeno-canto

Herkenning

Vijfenveertig centimeter en ongeveer zevenhonderd gram, dus fors voor een pijlstormvogel, met lange en betrekkelijk brede vleugels en een lange, spits toelopende staart. Het hele kleed is egaal donker chocoladebruin, zonder lichter veld op de ondervleugel. De snavel is roze-wit met een scherp begrensde donkere, sterk gehaakte punt en meet achtendertig tot vijfenveertig millimeter; de poten en voeten zijn wit-vleeskleurig, soms met roze zwemvliezen, en zijn bij goed licht al op afstand te zien. De vlucht is zwaar en onhaastig, met trage diepe slagen afgewisseld door lange glijvluchten op stijve, iets gebogen vleugels.

Verwarrings­soorten

De grauwe pijlstormvogel (Ardenna grisea) is het lastige paar: even donker, maar slanker gebouwd, met een zilvergrijze glans midden op de ondervleugel, een geheel donkere slanke snavel en donkergrijze poten, en met een snellere, veel energiekere vlucht. De donkere vogels van de wigstaartpijlstormvogel (Ardenna pacifica) zijn slanker, hebben een langere wigvormige staart, een geheel donkere leigrijze snavel en een lichtere, dansende vlucht. De zwarte stormvogel (Procellaria parkinsoni) en de westlandstormvogel (Procellaria westlandica) zijn groter en zwaarder, met een ivoorkleurige snavel met zwarte tekening en zwarte poten. Kort gezegd: bij een donkere pijlstormvogel kijk je eerst naar snavel en poten, en pas daarna naar de ondervleugel.

Leefgebied

Open zee boven het continentaal plat en daarbuiten, vaak boven de rand van het plat en rond onderzeese ruggen, en in het broedseizoen geregeld binnen zicht van de kust. Broedt in zelfgegraven holen onder bos, struweel of grasland op eilanden en op enkele kustkoppen, van kustbos op Lord Howe tot pohutukawa-bos en varenland op de Nieuw-Zeelandse eilanden.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar hoofdgroep en formatie.

Verspreiding en trek

Binnen dit kaartvenster broedt hij op een vijftiental eilanden voor de noordoostkust van het Noordereiland — de Hen and Chickens, de Mercury-groep, Ohinau en Karewa — en in Cook Strait, en in Australië op Lord Howe-eiland en op eilanden voor de zuidkust van West-Australië. Lord Howe draagt met ruim tweeëntwintigduizend paren in 2017/18 de grootste kolonie van het gebied. Op zee is hij van september tot april gewoon in de Hauraki-golf en langs de oostkust van Australië, en verschijnt hij geregeld op pelagische tochten uit Nieuw-Zuid-Wales en Queensland. Na de broedtijd verlaat hij het gebied vrijwel geheel en trekt hij over de evenaar naar de zeeën bij Japan en de noordelijke Grote Oceaan.

  • Jaarrond
  • Broedvogel (zomer)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
De kaart is een dichtheidsveld en geen ingetekende arealgrens: hij is opgebouwd uit de waarnemingen zelf en houdt zich daarom niet aan staatsgrenzen. De seizoenskleur komt uit de indeling per staat, de kleurdiepte uit de telling van GBIF (2006-2026), geteld per hokje van 0,7° en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

Ga in de zuidzomer mee op een pelagische tocht uit Wollongong, Sydney of Tutukaka en zoek een grote, egaal donkere pijlstormvogel die traag en zwaar aan komt zetten en vaak achter de boot blijft hangen wanneer er lokvoer wordt uitgebracht. Op korte afstand doet de bleke snavel met zijn donkere punt het werk, en bij een vogel die opstijgt of afdraait zie je het bleke van de poten oplichten tegen het donkere lijf. Bij de kolonies op Lord Howe zie je hem tegen zonsondergang in aantal binnenkomen.

Staat van instandhouding

Gevoelig (NT), en in Nieuw-Zeeland als 'relict' geklasseerd omdat hij van vrijwel al zijn oude vastelandsgrond is verdwenen. De zwaarste druk komt van de visserij: vogels verdrinken aan de haken van beugvisserij en worden bij de recreatievisserij soms geslagen om ze bij het aas vandaan te houden. Daarnaast is hij een van de zwaarst met plastic belaste zeevogels ter wereld — jongen op Lord Howe worden met opvallende hoeveelheden plastic in de maag gevonden. Op Lord Howe zelf tellen ook verkeersslachtoffers en lichtvervuiling mee, al liep het aantal aanrijdingen na een voorlichtingscampagne terug van ongeveer honderdvijfentwintig vogels per jaar naar vijfenveertig in 2014/15.

Wetenschappelijke naam

Ardenna carneipes | (Gould, 1844)

De Britse ornitholoog John Gould beschreef de soort in 1844 als Puffinus carneipes; ze is sindsdien in het geslacht Ardenna geplaatst, vandaar de haakjes om auteur en jaartal. De soortaanduiding carneipes is gevormd uit het Latijnse caro, carnis ('vlees') en pes ('voet'), naar de vleeskleurige poten. Het geslacht Ardenna werd in 1853 ingevoerd door Reichenbach, die de naam ontleende aan Artenna, een term die de Italiaanse natuuronderzoeker Aldrovandi in 1603 voor een zeevogel gebruikte. De typelocatie ligt op kleine eilanden voor Cape Leeuwin, West-Australië. De Maori-naam is toanui.