Alle soorten › Zangvogels › Kraaiachtigen › Woestijnraaf

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Woestijnraaf | Corvus cryptoleucus

Chihuahuan Raven | Cuervo llanero

De woestijnraaf is een middelgrote raaf van open, droog terrein in het noorden en midden van Mexico. Hij is kleiner dan de raaf en heeft witte basissen aan de veren van hals en borst, die alleen zichtbaar worden als de wind de veren opblaast. Buiten de broedtijd leeft hij vaak in groepen en slaapt hij in grote gezamenlijke slaapplaatsen.

Woestijnraaf (Corvus cryptoleucus)
Foto: Don Faulkner — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een vrij hoge, krassende kraak, duidelijk hoger en minder galmend dan de roep van de raaf; daarnaast diverse schorre en klikkende geluiden.

Luister: RoepXC662844

Opname: Richard E. Webster — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

46–52 cm. Geheel zwart met een paarsblauwe glans. De veren van nek, hals en borst hebben een witte basis, die bij wind of tijdens het poetsen zichtbaar wordt. Snavel zwaar en zwart; de neusveren lopen ver over de bovensnavel door. Staart iets wigvormig. Kleiner dan de raaf, met een kortere snavel en een minder uitgesproken wigstaart.

Verwarrings­soorten

De raaf Corvus corax is groter, met een zwaardere snavel, een langere, duidelijk wigvormige staart, ruigere keelveren en een diepere roep; hij leeft vaker in bergen en rotsachtig terrein. De amerikaanse kraai Corvus brachyrhynchos en de mexicaanse kraai Corvus imparatus zijn kleiner, met een recht afgesneden staart en een dunnere snavel.

Leefgebied

Open, droog en vlak terrein: halfwoestijngrasland, woestijnstruweel, doornstruweel, akkers en weiland, vaak langs wegen en bij boerderijen en vuilnisbelten. Eet insecten, aas, kleine gewervelden, zaden en afval. Nestelt in losse bomen, struiken of op palen en masten.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied in het noorden en midden van Mexico, van Sonora en Chihuahua tot Coahuila, Nuevo León en Tamaulipas, en zuidwaarts over het centrale hoogland tot ongeveer het midden van het land. Buiten het gidsgebied in het zuidwesten en zuiden van de Verenigde Staten; de noordelijkste vogels trekken in de winter naar het zuiden.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het best te zien in open grasland en halfwoestijn in het noorden van Mexico, waar groepen langs wegen en bij veebedrijven voedsel zoeken. In de winter zijn er grote gezamenlijke slaapplaatsen.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Wijdverbreid en plaatselijk algemeen in open, droog terrein.

Wetenschappelijke naam

Corvus cryptoleucus | Couch, 1854

Couch beschreef de soort in 1854 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Corvus werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Corvus is het Latijnse woord voor 'raaf'. cryptoleucus is Grieks, van kruptos 'verborgen' en leukos 'wit', naar de witte basis van de hals- en borstveren, die alleen zichtbaar is als de wind de veren opblaast. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Charco Escondido, Tamaulipas, Mexico.