Alle soorten › Zangvogels › Winterkoningen › Tweekleurige winterkoning
Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae
Tweekleurige winterkoning | Campylorhynchus griseus
Bicolored Wren | Cucarachero bicolor
De tweekleurige winterkoning is een van de grootste winterkoningen, met een bruine bovenkant en een ongevlekte witte onderkant. Het is een vogel van droog, open terrein in het noorden van Zuid-Amerika. In het gidsgebied is hij een nieuwkomer: sinds het midden van de jaren 2010 wordt hij geregeld waargenomen in de provincie Darién in het oosten van Panama.
Geluid
Luide, ruwe en ratelende duetten en koorzang van paren en groepjes; daarnaast krassende roepen.
Opname: JAYRSON ARAUJO DE OLIVEIRA — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
21–22 cm. Kruin en oogstreep donkerbruin, met een brede witte wenkbrauwstreep. Rug en vleugels bruin, bij de vogels uit het noorden van Colombia vrij egaal. Onderdelen helemaal wit, zonder vlekken of strepen. Staart donker met lichte toppen aan de buitenste pennen. Snavel vrij lang en licht gebogen. De seksen zijn gelijk.
Verwarringssoorten
De witkopwinterkoning Campylorhynchus albobrunneus, die in het oosten van Panama ook voorkomt, heeft een geheel witte kop zonder donkere kruin en oogstreep en leeft vooral in bos. De tijgerwinterkoning Campylorhynchus zonatus heeft een gebandeerde rug en gevlekte, deels roestbruine onderdelen.
Leefgebied
In Zuid-Amerika droog en halfopen terrein met verspreide bomen en struiken, cactussen, tuinen en dorpen, vaak dicht bij mensen. In Darién vooral waargenomen in halfopen, ontbost terrein. Zoekt insecten in bomen en struiken en op de grond. Bouwt een bolvormig nest in een boom.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.
Verspreiding en trek
In het gidsgebied alleen in het oosten van Panama (Darién), aansluitend op het verspreidingsgebied in Colombia. Verder van het noorden van Colombia en Venezuela tot in het noorden van Brazilië en Guyana.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Wie in de laaglanden van Darién door open terrein reist, kan op zijn luide duetten letten; de combinatie van witte onderdelen en een donkere kruin onderscheidt hem van de witkopwinterkoning.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd. Wijdverbreid in Zuid-Amerika. In Panama een recente kolonist waarvan de omvang en de duurzaamheid van de vestiging nog niet goed bekend zijn.
Wetenschappelijke naam
Campylorhynchus griseus | (Swainson, 1838)
Swainson beschreef de soort in 1838 als Furnarius griseus; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Campylorhynchus werd in 1824 ingevoerd door Spix. Campylorhynchus is Grieks, van kampulos 'gebogen' en rhunkhos 'snavel', naar de licht gebogen snavel. griseus is middeleeuws Latijn voor 'grijs', naar de grijzige onderdelen. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit savannen van Guyana.



