Alle soorten › Zangvogels › Winterkoningen › Panamese bergwinterkoning

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Panamese bergwinterkoning | Troglodytes ochraceus

Ochraceous Wren | Soterrey ocroso

De panamese bergwinterkoning is een kleine, okerkleurige winterkoning van de bergbossen van Costa Rica en Panama. Anders dan de meeste winterkoningen zoekt hij vaak hoger in de bomen, tussen mos en epifyten op takken en stammen. Ondanks de naam leeft een groot deel van de populatie in Costa Rica.

Panamese bergwinterkoning (Troglodytes ochraceus)
Foto: desertnaturalist — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een hoog, dun gezang van snelle trillers en fluittonen. Roept met een zacht, droog getjirp.

Luister: ZangXC1072986

Opname: Sue Riffe — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

9–10 cm. Kruin en bovendelen warm roodbruin, vleugels en korte staart met donkere dwarsbanden. Een brede, heldere okergele wenkbrauwstreep boven een donkere oogstreep. Gezicht, keel en borst okerbeige, buik lichter, flanken warmer getint en slechts zwak gebandeerd. Snavel dun en licht gebogen. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De zuidelijke huiswinterkoning Troglodytes musculus is valer, heeft een vage wenkbrauwstreep en leeft in open terrein. De grijze boswinterkoning Henicorhina leucophrys heeft een grijze borst, een witte wenkbrauwstreep en een gestreept gezicht en blijft laag. De browns winterkoning Thryorchilus browni leeft hoger, bij de boomgrens, en heeft een witte wenkbrauwstreep en wit in de vleugel.

Leefgebied

Vochtig bergbos en nevelwoud, ook bosranden en oud secundair bos, vooral van ongeveer 1000 tot 2500 m, plaatselijk lager. Zoekt in de middelste en hogere bosetages tussen mos, bromelia's en andere epifyten naar insecten en spinnen. Nestelt in mos tussen de epifyten.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Bergen van Costa Rica en Panama, met een geïsoleerde populatie in de bergen van het oosten van Panama. Komt buiten het gidsgebied niet of nauwelijks voor.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Geregeld te zien in nevelwoud rond Monteverde en in de Cordillera de Talamanca in Costa Rica, en in de hooglanden van Chiriquí in Panama. Let op een kleine, okerkleurige vogel die langs bemoste takken klautert, vaak in gemengde groepen.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Vrij algemeen in bergbos; gevoelig voor ontbossing op lagere hoogten.

Wetenschappelijke naam

Troglodytes ochraceus | Ridgway, 1882

Ridgway beschreef de soort in 1882 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Troglodytes werd in 1809 ingevoerd door Vieillot. Troglodytes is Grieks, van troglē 'hol, spleet' en dyein 'kruipen': 'holbewoner', naar de gewoonte om al zoekend in spleten en holten te verdwijnen. ochraceus is modern Latijn voor 'okerkleurig', naar het warme okerbruine verenkleed. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Volcán Irazú, Cartago, Costa Rica.