Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Kolibries › Oaxacakolibrie

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Nachtzwaluwen en gierzwaluwen Strisores

Oaxacakolibrie | Eupherusa cyanophrys

Oaxaca Hummingbird | Colibrí miahuatleco

De oaxacakolibrie leeft alleen op de Pacifische helling van de Sierra Madre del Sur in het zuiden van Oaxaca, vooral in de Sierra de Miahuatlán. Het mannetje heeft een violetblauw voorhoofd en een turquoise kruin. Beide geslachten hebben een roodbruine vlek in de vleugel en veel wit in de staart.

Oaxacakolibrie (Eupherusa cyanophrys)
Foto: Gary Abner Garcia-Garcia — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

De zang is een hoog, snel gekwetter, schokkeriger en minder gehaast dan bij de witstaartkolibrie. De roep is een vloeiend tot iets zoemend, rollend tsjip.

Luister: RoepXC925792

Opname: Richard E. Webster — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

10–11 cm, met een rechte zwarte snavel. Het mannetje heeft een violetblauw voorhoofd, een turquoise kruin, smaragdgroene bovendelen, glanzend groene onderdelen en witte onderstaartdekveren. De armpennen vormen een roodbruine vlek in de vleugel. De middelste staartpennen zijn groen, de buitenste witachtig. Het vrouwtje heeft dezelfde vleugelvlek, lichtgrijze onderdelen en witte buitenste staartpennen met donkergroene tekening.

Verwarrings­soorten

De witstaartkolibrie Eupherusa poliocerca komt verder naar het westen voor en mist het blauwe voorhoofd en de turquoise kruin. Bij de streepstaartkolibrie Eupherusa eximia, die in Oaxaca vooral in het noorden en oosten voorkomt, hebben de buitenste staartpennen zwarte buitenvlaggen en zwarte toppen. De berylamazilia Saucerottia beryllina heeft ook roodbruin in de vleugel, maar een paarsbruine staart zonder wit.

Leefgebied

Randen en binnenste van vochtig bergbos, halfbladverliezend bos en pijn-eikenbos, ongeveer tussen 700 en 2600 m, het meest onder 1800 m. Komt ook in schaduwkoffie aan de bosrand.

Verspreiding en trek

Endemisch voor het gidsgebied en voor Mexico. Alleen op de Pacifische helling van de Sierra Madre del Sur in het zuiden van Oaxaca, vooral in de Sierra de Miahuatlán tussen San Gabriel Mixtepec en Pluma Hidalgo.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Langs de weg 175 tussen San José del Pacífico en Puerto Ángel, en in de koffiefincas rond Pluma Hidalgo, vaak bij bloeiende struiken aan de bosrand.

Staat van instandhouding

Bedreigd. De populatie wordt op 600 tot 1700 volwassen vogels geschat en gaat achteruit. Bos in het kleine verspreidingsgebied verdwijnt door kap en ontginning voor landbouw. Waar het bos ongeschonden is, is de soort nog vrij algemeen.

Wetenschappelijke naam

Eupherusa cyanophrys | Rowley & Orr, 1964

Rowley & Orr beschreef de soort in 1964 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Eupherusa werd in 1857 ingevoerd door Gould. Eupherusa is Grieks, van eu 'goed, fraai' en pherousa 'dragend' (van pherō 'dragen'): 'die (iets) fraai draagt', vermoedelijk naar de opvallend getekende staart. cyanophrys is Grieks, van kuanos 'donkerblauw' en ophrus 'wenkbrauw, voorhoofd', naar de blauwe kruin van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit 18 km ten zuiden van Juchatengo, Oaxaca, Mexico, ± 1430 m.