Alle soorten › Zangvogels › Lijsters › Mexicaanse witneklijster

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Mexicaanse witneklijster | Turdus assimilis

White-throated Thrush | Mirlo garganta blanca

De mexicaanse witneklijster is een grijsbruine lijster van vochtig heuvel- en bergbos, te herkennen aan de witte halvemaan onder de gestreepte keel en de gele oogring. Hij leeft vooral in de middelste en hogere bosetages en is meer te horen dan te zien. In het gidsgebied komt hij voor van het noordwesten en noordoosten van Mexico tot Panama.

Mexicaanse witneklijster (Turdus assimilis)
Foto: Amado Demesa from DF, México — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

De zang is een rijke, gevarieerde reeks heldere, fluitende frasen die elk enkele keren worden herhaald, soms met nagebootste geluiden van andere vogels. De roep is een nasaal enk of unk en een laag tsjuk.

Luister: ZangXC1099282

Opname: Manuel Grosselet — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

21–24 cm. Bovendelen olijfbruin tot grijsbruin. Keel wit met dichte zwarte lengtestrepen, daaronder een opvallende, ongestreepte witte halvemaan op de bovenborst. Borst en flanken grijsbruin, buikmidden en onderstaart wit. Smalle gele tot oranjegele oogring. Snavel donker tot geelachtig, afhankelijk van de populatie; poten bruinachtig. De seksen zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De grays lijster Turdus grayi is beigebruin, mist de witte halvemaan en de gele oogring en leeft vooral in open terrein. De bleekbuiklijster Turdus obsoletus (Costa Rica en Panama) is warmer bruin, zonder witte halvemaan en oogring. De roestruglijster Turdus rufopalliatus in het westen van Mexico heeft een grijze kop en een roodbruine rug. De amerikaanse boslijster Hylocichla mustelina heeft een zwart gevlekte witte onderzijde.

Leefgebied

Vochtig altijdgroen voetheuvelbos, nevelwoud en eiken- en pijn-eikenbos, aan de Pacifische kant van Mexico ook halfvochtig bos en bos langs ravijnen; meestal tussen 200 en 2000 m, buiten de broedtijd soms lager. Ook oud secundair bos en bosranden. Eet vruchten en zoekt op de grond naar ongewervelden.

Verspreiding en trek

In Mexico aan de Pacifische kant vanaf het zuiden van Sonora en aan de Golfkant vanaf het zuiden van Tamaulipas, zuidwaarts door het zuiden van Mexico en de hooglanden en voetheuvels van Midden-Amerika tot Costa Rica en het westen van Panama. Vogels in het oosten van Panama en verder zuidelijk worden tegenwoordig als aparte soort beschouwd, Turdus daulias.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

In Mexico geregeld te horen in El Cielo in Tamaulipas en in de bergbossen van Oaxaca en Chiapas. Het best te vinden door in de broedtijd op de zang te letten, of bij vruchtdragende bomen te wachten.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC). Wijdverbreid en vrij algemeen. Gaat achteruit waar heuvel- en bergbos verdwijnt.

Wetenschappelijke naam

Turdus assimilis | Cabanis, 1851

Cabanis beschreef de soort in 1851 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Turdus werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Turdus is het gewone Latijnse woord voor 'lijster'. assimilis is Latijn voor 'gelijkend', naar de gelijkenis met de verwante Witkeellijster (Turdus albicollis). Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Xalapa, Veracruz, Mexico.