Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Geelrandbreedbektiran

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Geelrandbreedbektiran | Tolmomyias flavotectus

Yellow-winged Flatbill | Picoancho aliamarillo

De geelrandbreedbektiran is een kleine, olijfgroene tiran met een grijze kop, een donker oog en gele randen aan de vleugeldekveren. Hij leeft in de kronen van vochtig laaglandbos in Costa Rica en Panama en reist vaak mee met gemengde groepen. Hij werd vroeger als ondersoort van een Amazonische breedbektiran beschouwd.

Geelrandbreedbektiran (Tolmomyias flavotectus)
Foto: Francesco Veronesi from Italy — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een scherpe, zoemende, iets oplopende roep, vaak een paar keer achter elkaar herhaald.

Luister: ZangXC774165

Opname: Paul Driver — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

13 cm, met een brede, platte snavel, van boven zwart en van onder licht. Kop grijs met een donkere iris en een smalle, lichte oogring. Rug olijfgroen. De donkere vleugels hebben brede gele randen aan de dekveren, die eerder een geel vleugelpaneel dan duidelijke strepen vormen, en een klein lichtgeel vlekje aan de basis van de handpennen. Keel grijzig, borst olijfgeel, buik geel. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De groenkapbreedbektiran Tolmomyias sulphurescens heeft een lichte iris, een witachtige streep boven de teugel en twee duidelijke gele vleugelstrepen, en leeft meer in bosranden en halfopen land. De Panamese looftiran Phylloscartes flavovirens is kleiner, met een smalle snavel. De westelijke groene breedbektiran Rhynchocyclus aequinoctialis is groter en gedrongener, met een olijfgroene kop.

Leefgebied

Kronen en randen van vochtig, altijdgroen laaglandbos en voetheuvelbos, ook hoog secundair bos. Zoekt tussen het blad naar insecten en sluit zich vaak aan bij gemengde groepen in de kronen. Bouwt, zoals verwante soorten, een hangend nest met een naar beneden gerichte ingang.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

In het gidsgebied vooral aan de Caribische kant van Costa Rica en in Panama, waar hij op beide hellingen voorkomt; er zijn ook meldingen uit het uiterste zuidoosten van Nicaragua. Buiten het gidsgebied in het westen van Colombia en het noordwesten van Ecuador.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Langs de Camino del Oleoducto (Pipeline Road) in Panama geregeld in gemengde groepen in de kronen. Let op de grijze kop, het donkere oog en de gele vleugelranden.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. In geschikt bos vrij algemeen, maar afhankelijk van bos en daardoor gevoelig voor ontbossing.

Wetenschappelijke naam

Tolmomyias flavotectus | (Hartert, 1902) (GBIF: Tolmomyias assimilis)

Hartert beschreef de soort in 1902 als Rhynchocyclus megacephala flavotectus; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Tolmomyias werd in 1927 ingevoerd door Hellmayr. Tolmomyias is Grieks, van tolma 'stoutmoedigheid' en muias 'vlieg' (vliegenvanger): 'brutale vliegenvanger'. flavotectus is Latijn, van flavus 'geel' en tectus 'bedekt', naar de geel gezoomde vleugeldekveren. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit San Javier, Hacienda Paramba, noordwest-Ecuador.