Alle soorten › Steltloperachtigen › Strandlopers en snippen › Amerikaanse wulp

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Kraanvogels en steltlopers Gruimorphae

Amerikaanse wulp | Numenius americanus

Long-billed Curlew | Zarapito pico largo

De Amerikaanse wulp is de grootste steltloper van Noord-Amerika, kaneelbruin en met een uitzonderlijk lange, sterk gebogen snavel. In de winter is hij in Mexico zowel aan de kust als op de graslanden en akkers van de hoogvlakte te vinden. Verder zuidelijk in Midden-Amerika is hij schaars.

Amerikaanse wulp (Numenius americanus)
Foto: Alan D. Wilson, www.naturespicsonline.com — CC BY-SA 2.5 · Wikimedia Commons

Geluid

Een luid, stijgend kur-lie en een snelle, fluitende reeks kli-li-li-li, vooral bij onrust en in de vlucht.

Luister: VluchtroepXC1047421

Opname: Paul Marvin — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

50–65 cm, waarvan bij volwassen vrouwtjes tot ongeveer 20 cm snavel; mannetjes en vooral jonge vogels hebben een duidelijk kortere snavel. De snavel is lang en sterk omlaag gebogen, donker met een roze basis aan de ondersnavel. Het verenkleed is warm kaneelbruin, op de bovendelen donker gevlekt en gebandeerd, op hals en borst fijn gestreept. De kop is vrij effen, zonder kruinstrepen. In de vlucht vallen de kaneelrode ondervleugel en de kaneelkleurige handpennen op. Poten blauwgrijs.

Verwarrings­soorten

De Amerikaanse regenwulp Numenius hudsonicus is kleiner en grijzer, met een kortere snavel, een gestreepte kruin en een grijsbruine ondervleugel. De marmergrutto Limosa fedoa heeft vrijwel dezelfde kleur maar een rechte of licht opgewipte snavel. Jonge Amerikaanse wulpen met een korte snavel lijken op regenwulpen, maar missen de duidelijke kruinstrepen.

Leefgebied

Wadplaten, slikken, zandstranden, zoute lagunes en zoutpannen aan de kust; in het binnenland open graslanden, akkers, braakliggend land en oevers van meren op de hoogvlakte. Peurt met de lange snavel diep in het slik naar krabben en wormen en pikt op het land insecten als sprinkhanen en kevers op.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

In de winter in Mexico het talrijkst: langs de kusten van Baja California, de Golf van Californië en de Pacifische kust naar het zuiden, op de hoogvlakte van het noorden en midden van Mexico, en langs de Golfkust. Verder zuidelijk schaars tot zeldzaam, in klein aantal tot in Guatemala, El Salvador en Costa Rica en zelden tot in Panama. Buiten het gidsgebied broedt de soort op de prairies en droge graslanden van het westen van de Verenigde Staten en het zuiden van Canada.

  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

De lagunes en wadplaten van Baja California en de Golf van Californië, en op de hoogvlakte graslanden en geoogste akkers, zijn de beste plaatsen. De snavellengte maakt de soort vrijwel onmiskenbaar, maar bij jonge vogels loont een tweede blik op kop en ondervleugel.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De soort is in de negentiende eeuw sterk afgenomen door jacht en het omzetten van prairie in akkerland, en het broedareaal is sindsdien kleiner geworden. Verlies van grasland in het broed- en overwinteringsgebied is de belangrijkste bedreiging.

Wetenschappelijke naam

Numenius americanus | Bechstein, 1812

Bechstein beschreef de soort in 1812 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Numenius werd in 1760 ingevoerd door Brisson. Numenius is Grieks, van neos 'nieuw' en mēnē 'maan', naar de snavel die aan een wassende maan doet denken; noumēnios is bij Hesychius de naam van een vogel. americanus is Latijn voor 'Amerikaans'. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit New York.