Alle soorten › Zangvogels › Tangaren › Witsterdikbekje

Witsterdikbekje | Sporophila lineola

Lined Seedeater | Semillero lineado

Het witsterdikbekje is een zaadetertje van open landschappen in Zuid-Amerika. Het broedt vooral in het oosten en zuiden van het continent en trekt in de zuidelijke winter naar het noorden. In het Caribisch gebied is het alleen als dwaalgast van Trinidad bekend. De Nederlandse naam verwijst naar de witte kruinstreep van het mannetje.

Witsterdikbekje (Sporophila lineola)
Foto: Dario Sanches from São Paulo, Brazil — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een korte zang van snelle, heldere tonen en trillers, vergelijkbaar met die van Lessons dikbekje; trekkende vogels laten vooral korte roepjes horen.

Luister: ZangXC1082117

Opname: JAYRSON ARAUJO DE OLIVEIRA — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

10–11 cm, met een korte, dikke snavel. Het mannetje is zwart van boven, met een smalle witte middenstreep over de kruin, een grote witte wangvlek, een witte stuitband en een kleine witte vleugelvlek. De keel is zwart, de rest van de onderdelen wit. Het vrouwtje is olijfbruin van boven en lichter geelbruin van onder, met een lichtere buik.

Verwarrings­soorten

Het mannetje van Lessons dikbekje Sporophila bouvronides, dat op Trinidad in de regentijd broedt, is vrijwel gelijk maar mist de witte kruinstreep. Vrouwtjes van beide soorten zijn in het veld niet met zekerheid te scheiden, en lijken ook op vrouwtjes van het geelbuikdikbekje Sporophila nigricollis en het dwergdikbekje Sporophila minuta.

Leefgebied

Struikrijk grasland, weiland, akkerranden en ruig, gekapt bosland. Trekkende vogels sluiten zich vaak aan bij groepen andere dikbekjes.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.

Verspreiding en trek

Op Trinidad een dwaalgast met enkele gevallen; van andere eilanden niet vastgesteld. Meldingen van Guadeloupe en Sint-Lucia op verspreidingskaarten zijn niet bevestigd. Broedt van het oosten van Brazilië tot Bolivia, Paraguay en het noordoosten van Argentinië en trekt in de zuidelijke winter naar het Amazonegebied en het noorden van Zuid-Amerika, tot in Colombia, Venezuela en de Guyana's.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Bij groepen dikbekjes in graslanden op Trinidad elk mannetje met een witte wangvlek nagaan op een witte kruinstreep. Vrouwtjes zijn niet met zekerheid van die van Lessons dikbekje te onderscheiden; voor een geldige waarneming is een goed gedocumenteerd mannetje nodig.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Een wijdverbreide en vrij algemene soort; in het Caribisch gebied een zeldzame gast zonder vaste aanwezigheid.

Wetenschappelijke naam

Sporophila lineola | (Linnaeus, 1758)

Linnaeus beschreef de soort in 1758 als Loxia lineola; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Sporophila werd in 1844 ingevoerd door Cabanis. Sporophila is Grieks, van sporos 'zaad' en philos 'liefhebber': 'zaadliefhebber'. lineola is Latijn voor 'lijntje', naar de witte streep over de kruin van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Bahia, Brazilië.