Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Kortsnavelelenia

Kortsnavelelenia | Elaenia parvirostris

Small-billed Elaenia | Fiofío piquicorto

De kortsnavelelenia is een trekvogel uit het zuiden van Zuid-Amerika die na het broedseizoen noordwaarts trekt en de zuidelijke winter onder meer in het noorden van Zuid-Amerika en op Trinidad doorbrengt. In het gebied is hij een schaarse, vaak over het hoofd geziene gast, die sterk lijkt op de andere kleine elenia's.

Kortsnavelelenia (Elaenia parvirostris)
Foto: Gmmv1980 — CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

In het overwinteringsgebied meestal stil; een zacht tsjeeu als roep. De zang in het broedgebied is een stotterende, rauwe reeks tonen.

Luister: ZangXC951954

Opname: Pedro Rinaldi — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

13–15 cm, met een ronde kop zonder echte kuif en een kort, smal snaveltje. De kruin is olijf met een deels verborgen witte middenstreep. Een duidelijke, smalle witte oogring valt op in het grijsachtige gezicht. De bovendelen zijn olijf tot grijsolijf. De vleugels hebben twee, soms drie witte vleugelstrepen. De keel en borst zijn lichtgrijs, de buik witachtig met hooguit een zweem geel. De seksen zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De kleine elenia Elaenia chiriquensis lijkt sterk, maar is van onder geler en heeft een minder duidelijke oogring; het betrouwbaarste onderscheid is de stem. De geelbuikelenia Elaenia flavogaster is groter, met een borstelige, gespleten kuif en een gele buik. De boselenia Myiopagis gaimardii heeft een gestreepte kop, gele vleugelstrepen en leeft in het bladerdak. De eulers-tiran Lathrotriccus euleri heeft okerkleurige vleugelstrepen en een bruinere borst.

Leefgebied

In het overwinteringsgebied randen en open plekken van bos, secundair bos, opgaand struweel, savanne met bomen, parken en tuinen; ook in het bladerdak van vochtig bos. Eet insecten en veel kleine vruchten en bessen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.

Verspreiding en trek

Binnen het gebied een schaarse niet-broedende gast op Trinidad, vooral van mei tot september met de meeste meldingen in augustus. Van Aruba zijn losse meldingen in mei. Broedt in Bolivia, Paraguay, Uruguay, het zuiden van Brazilië en het noorden van Argentinië en trekt in de zuidelijke winter naar het westen van het Amazonebekken, Colombia, Venezuela en de Guyana's.

  • Zomergast (ca. okt–mrt)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,18° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het meest kans geven bosranden en secundaire begroeiing op Trinidad tussen juni en september. Elenia's buiten de tuin zonder gespleten kuif en met een duidelijke witte oogring zijn het nakijken waard; een foto helpt bij de determinatie.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. De soort heeft een zeer groot verspreidingsgebied en wordt als algemeen beschouwd.

Wetenschappelijke naam

Elaenia parvirostris | Pelzeln, 1868

Pelzeln beschreef de soort in 1868 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Elaenia werd in 1836 ingevoerd door Sundevall. Elaenia komt van Grieks elaineos 'van olie, olijfkleurig', naar het olijfgroene verenkleed. parvirostris is Latijn, van parvus 'klein' en rostrum 'snavel', naar de korte snavel. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Curitiba, Paraná, Brazilië.