Alle soorten › Nachtzwaluwachtigen › Nachtzwaluwen › Hispaniolanachtzwaluw
Hispaniolanachtzwaluw | Antrostomus ekmani
Hispaniolan Nightjar | Pitanguá
De Hispaniolanachtzwaluw is de grote Antrostomus-nachtzwaluw van Hispaniola, nauw verwant aan de Cubaanse nachtzwaluw Antrostomus cubanensis. Beide werden lang als één soort beschouwd, en de American Ornithological Society voegt ze nog steeds samen als Grote Antilliaanse nachtzwaluw. In de Dominicaanse Republiek heet hij pitanguá. Hij leeft verborgen in bos en struweel en is vooral bekend van zijn zang na zonsondergang.
Geluid
De zang is een enkele, rasperige en zoemende roep die met een klik begint en in toonhoogte stijgt. Bij verstoring korte, lage roepjes, ongeveer kwat.
Opname: George Wagner — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
26–30 cm, groot en donker, met een brede, platte kop en een lange staart. De bovendelen zijn donkerbruin met grijsachtige en lichtbruine spikkels; de kruin draagt brede zwarte strepen. Het gezicht is geelbruin, kin en keel zijn donkerbruin met kaneelkleurige spikkels, de borst donkerbruin met bruinwitte vlekken; buik en flanken zijn donkerbruin met grijze spikkels. De vleugels missen een witte vlek. Het mannetje heeft witte toppen aan de buitenste staartpennen, het vrouwtje bruingele.
Verwarringssoorten
De dwergpauraque Siphonorhis brewsteri is veel kleiner, met een korte staart met een witte eindband, en leeft vooral in droog laagland. De Carolinanachtzwaluw Antrostomus carolinensis overwintert op Hispaniola, is iets groter en warmer roodbruin en zingt in de winter zelden. De Antilliaanse nachtzwaluw Chordeiles gundlachii heeft spitse vleugels met een witte band en jaagt hoog boven open terrein.
Leefgebied
Loofbos op middelhoogte, doornstruweel in het laagland en pijnbos in de bergen, tot ongeveer 1.800 meter hoogte. Jaagt in de schemering en 's nachts op insecten. Broedt van april tot juli; meestal twee eieren, zonder nest op de grond gelegd; beide ouders broeden.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.
Verspreiding en trek
Alleen op Hispaniola. In de Dominicaanse Republiek verspreid, vooral in het westelijke derde deel van het land; in Haïti zeer zeldzaam en beperkt tot de resterende bosgebieden. Buiten Hispaniola komt de soort niet voor.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Het beste in de avondschemering in de Sierra de Bahoruco, waar de zang zowel in het droge laagland als in het pijnbos hoger op de hellingen te horen is. Het zoeken langs bospaden met een lamp levert soms een vogel op een lage tak of op de grond op.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd; de populatie wordt stabiel geacht. Ontbossing, vooral in Haïti, en uitgezette roofdieren vormen de belangrijkste risico's voor deze grondbroeder.
Wetenschappelijke naam
Antrostomus ekmani | Lönnberg, 1929
Lönnberg beschreef de soort in 1929 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Antrostomus werd in 1838 ingevoerd door Bonaparte. Antrostomus is Grieks, van antron 'grot' en stoma 'mond': 'grotmond', naar de enorm wijde muil. ekmani eert de Zweedse botanicus Erik Leonard Ekman (1883–1931), die het typeexemplaar in Haïti verzamelde. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit bij Jérémie, Haïti.




