Alle soorten › Vleermuizen › Langvleugelvleermuizen
Langvleugelvleermuizen | Miniopteridae
Bent-winged bats | Murciélagos de cueva
De familie is naar de vleugel genoemd: het buitenste lid van de derde vinger is buitengewoon lang en klapt in rust dubbel naar achteren, zodat de vleugelpunt langs de arm wordt opgeborgen. Uitgeslagen levert dat een zeer lange, smalle vleugel op en een snelle, hoge vlucht met scherpe bochten, meer op een gierzwaluw dan op een gewone vleermuis lijkend. De vacht is kort, dicht en fluweelachtig en het voorhoofd is opvallend hoog en bol. Ze zijn het hele jaar door grotdieren en hangen in dichte, elkaar rakende trossen van soms duizenden; tussen de zomerkolonie en het winterverblijf worden afstanden van honderden kilometers afgelegd, waarmee ze de meest trekkende vleermuizen van Europa zijn. De voortplanting kent een eigen oplossing: na de paring in het najaar volgt de bevruchting meteen, maar de groei van de kiem wordt de hele winter stilgezet en hervat pas in het voorjaar, zodat alle jongen binnen enkele dagen van elkaar worden geboren.
Inheemse soorten 3 soorten
Soorten die hier van nature voorkomen, ook waar ze zijn uitgezet om een verdwenen populatie terug te brengen. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.
Miniopterus 3 soorten
-
Miniopterus maghrebensis
Miniopterus maghrebensis
Grotten
Maquis en hoog mediterraan struweel
Altijdgroen loofbos
Droge graslanden
Rotswanden en rotsplateaus
Stromend water
-
Miniopterus pallidus
Miniopterus pallidus
Grotten
Groeven en mijnen
Maquis en hoog mediterraan struweel
Droge graslanden
Oeverzone van binnenwateren
Rotswanden en rotsplateaus
-

Langvleugelvleermuis
Miniopterus schreibersii
Grotten
Groeven en mijnen
Loofbos
Maquis en hoog mediterraan struweel
Droge graslanden
Stromend water
Stad en dorp