Alle soorten › Zangvogels › Tirannen › Zwarte phoebe

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Zwarte phoebe | Sayornis nigricans

Black Phoebe | Mosquero negro

De zwarte phoebe is een zwart-witte tiran die vrijwel altijd bij stromend of stilstaand water te vinden is. Hij zit laag op een steen, tak of muurtje, wipt voortdurend met zijn staart en vangt insecten in korte vluchten, vaak vlak boven het water. In het gidsgebied leeft hij van het noorden van Mexico tot Panama.

Zwarte phoebe (Sayornis nigricans)
Foto: Becky Matsubara from El Sobrante, California — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

De roep is een scherp, kort tsip of tiep. De zang bestaat uit twee afwisselende, hoge tweetonige frasen, een stijgend tie-hie en een dalend tie-hoe.

Luister: ZangXC1078224

Opname: Richard E. Webster — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

16–17 cm. Kop, borst en bovendelen roetzwart, buik en onderstaartdekveren scherp afgezet wit. Vleugeldekveren en slagpennen met smalle grijswitte randen; de buitenste staartpennen hebben een witte buitenvlag. Snavel en poten zwart. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk. Jonge vogels zijn bruiniger zwart, met kaneelkleurige vleugelstrepen.

Verwarrings­soorten

Door de combinatie van zwarte kop en borst met een witte buik is hij nauwelijks te verwarren. De phoebe Sayornis phoebe (wintergast in het oosten van Mexico) is grijsbruin van boven en lichter van onderen, zonder scherpe zwart-witgrens; de says phoebe Sayornis saya is grijsbruin met een roestkleurige buik en leeft in droog, open terrein. De bergbeektachuri Serpophaga cinerea (Costa Rica en Panama) zit ook bij snelstromende beken, maar is kleiner en lichtgrijs met een zwarte kap.

Leefgebied

Oevers van beken en rivieren met stenen en rotsen, meren, vijvers en kanalen, ook in dorpen en steden waar water is; vooral in de bergen en het heuvelland, in het noorden ook in het laagland. Vangt insecten vanaf een lage uitkijkpost. Bouwt een nest van modder en plantenmateriaal tegen een rotswand, onder een brug of een overstekend dak.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Van Baja California en het noorden van Mexico door een groot deel van Mexico (niet in het laagland van het schiereiland Yucatán) en de hooglanden en het heuvelland van Midden-Amerika tot Panama. Buiten het gidsgebied in het zuidwesten van de Verenigde Staten en in Zuid-Amerika, vooral langs de Andes tot het noordwesten van Argentinië.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het best te vinden door beken en rivieren in het bergland af te zoeken; hij verraadt zich door het voortdurende staartwippen en de scherpe tsip-roep.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Algemeen langs water en profiteert van bruggen en gebouwen als nestplaats.

Wetenschappelijke naam

Sayornis nigricans | (Swainson, 1827)

Swainson beschreef de soort in 1827 als Tyrannula nigricans; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Sayornis werd in 1854 ingevoerd door Bonaparte. Sayornis verwijst naar de Amerikaanse natuuronderzoeker Thomas Say (1787–1834), via Bonapartes Muscicapa saya, met Grieks ornis 'vogel': 'Says vogel'. nigricans is Latijn voor 'zwartachtig', naar het grotendeels zwarte verenkleed. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Dal van Mexico.