Alle soorten › Zangvogels › Lijsters › Roetlijster
Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae
Roetlijster | Turdus nigrescens
Sooty Thrush | Mirlo negruzco
De roetlijster is een grote, donkere lijster van het hooggebergte van Costa Rica en het westen van Panama. Met zijn roetzwarte verenkleed, oranje snavel en poten en lichte iris valt hij op in het open terrein boven de boomgrens en langs bosranden. Hij komt alleen in het gidsgebied voor.
Geluid
De zang is een vrij zachte, schrapende en piepende reeks korte, krakende tonen, weinig melodieus. De roep is een droog, raspend krrr of kriek, vaak bij het opvliegen.
Opname: Daniel Lane — CC BY-NC-SA 3.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto
Herkenning
24–26 cm. Verenkleed vrijwel egaal donker roetbruin tot zwartachtig, het vrouwtje iets bruiner en valer dan het mannetje. Snavel en poten fel oranje, rond het oog een smalle oranje ring. De iris is opvallend lichtgrijs tot witachtig. Jonge vogels zijn bruiner, met lichte schachtstreepjes boven en vlekjes op de onderzijde, en hebben een donkerder snavel.
Verwarringssoorten
De cabanis' lijster Turdus plebejus leeft in dezelfde bergen maar vooral in gesloten bos; hij is olijfbruin in plaats van roetzwart en heeft een zwartachtige snavel, donkere poten en een donker oog. Andere donkere lijsters met een gele snavel, zoals de guatemalalijster Turdus infuscatus, komen alleen verder noordelijk voor, van Mexico tot Honduras, en hebben een donker oog.
Leefgebied
Páramo, bergweiden, struikgewas en de randen en open plekken van eiken- en bergbos, meestal boven 2100 m tot op de hoogste toppen; ook weilanden, wegbermen en tuinen bij boerderijen in de hooglanden. Zoekt op de grond naar regenwormen en insecten en eet in bessenstruiken veel vruchten.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.
Verspreiding en trek
Endemisch voor het gidsgebied: de hooglanden van Costa Rica, vooral de Cordillera de Talamanca en de hoge vulkanen van de Cordillera Central, en de Chiriquí-hooglanden in het westen van Panama.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Algemeen langs de Interamericana bij de Cerro de la Muerte in Costa Rica en op de hellingen van de Irazú en de Barú. Zit vaak op hekpalen, wegbermen en open grasplekken.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd (LC). Algemeen binnen een klein, hooggelegen verspreidingsgebied. Kan gevoelig zijn voor opwarming die de hooggebergtezone verkleint.
Wetenschappelijke naam
Turdus nigrescens | Cabanis, 1861
Cabanis beschreef de soort in 1861 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Turdus werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Turdus is het gewone Latijnse woord voor 'lijster'. nigrescens is Latijn voor 'zwartachtig', naar het donkere, roetkleurige verenkleed. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Irazú-vulkaan, Costa Rica.


