Alle soorten › Gierzwaluwachtigen › Kolibries › Gloeikeelkolibrie

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Vogels van de elementen Elementaves › Nachtzwaluwen en gierzwaluwen Strisores

Gloeikeelkolibrie | Selasphorus ardens

Glow-throated Hummingbird | Colibrí ardiente

De gloeikeelkolibrie komt alleen voor in een klein gebied in de bergen van het westen van Panama. Hij is nauw verwant aan de fonkelende kolibrie en lijkt er sterk op. Er zijn weinig waarnemingen, en de soort is slecht bekend.

Van deze soort bestaat geen foto van een levende wilde vogel met een geschikte Creative Commons-licentie. Heb je er een die aan de regels voldoet? Stuur hem in.

Geluid

Een hoog, dun tsip, en bij achtervolgingen een fijn gekwetter; de vleugels van het mannetje geven een zoemend geluid. Over de stem is weinig bekend.

Luister: RoepXC1004706

Opname: Pedro Luis Castillo — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

Ongeveer 7 cm, met een korte, rechte zwarte snavel. De bovendelen zijn bronsgroen. Het mannetje heeft een glanzende roze-rode tot magenta keel, een witte band op de bovenborst, roestbruine flanken en buik, en een roestbruine staart met zwarte strepen. Het vrouwtje heeft een lichte, gespikkelde keel, roestbruine onderdelen en een roestbruine staart met een zwarte band en lichte toppen.

Verwarrings­soorten

De fonkelende kolibrie Selasphorus scintilla is vrijwel gelijk, maar het mannetje heeft een oranjerode tot koperrode keel; vrouwtjes zijn in het veld nauwelijks te onderscheiden. De vulkaankolibrie Selasphorus flammula leeft hoger en heeft minder roestbruin op de onderdelen; het mannetje heeft een donkere staart.

Leefgebied

Bosranden, open plekken en struikgewas in nevelwoud en dwergbos op bergkammen, en halfopen terrein met bloeiende struiken, ongeveer tussen 750 en 1800 m. Foerageert laag bij kleine bloemen.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Endemisch voor het gidsgebied, en alleen bekend uit het westen van Panama: de bergen van het noorden van Veraguas, het oosten van Chiriquí en de aangrenzende comarca Ngäbe-Buglé, onder meer de Cerro Colorado en het gebied rond Santa Fe.

  • Wintergast (ca. okt–mrt)
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Rond Santa Fe in Veraguas, langs de weg naar Alto de Piedra en de Cerro Tute, bij bloeiende struiken aan bosranden en op open plekken. De meeste waarnemingen vallen in het droge seizoen, van december tot april.

Staat van instandhouding

Bedreigd. Het verspreidingsgebied is zeer klein en versnipperd, en het bos daarin verdwijnt door ontginning voor landbouw en veeteelt. Mijnbouw vormt plaatselijk een bijkomende bedreiging.

Wetenschappelijke naam

Selasphorus ardens | Salvin, 1870

Salvin beschreef de soort in 1870 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Selasphorus werd in 1832 ingevoerd door Swainson. Selasphorus is Grieks, van selas 'licht, vlam' en -phoros 'dragend': 'lichtdrager', naar de vurig glanzende keel. ardens is Latijn voor 'brandend, gloeiend', naar de vurige keel van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Calovévora en Castillo, Veraguas, Panama.