Alle soorten › Zangvogels › Kraaiachtigen › Geelooggaai

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Geelooggaai | Cyanocorax melanocyaneus

Bushy-crested Jay | Chara centroamericana

De geelooggaai is een zwart-blauwe gaai met een borstelige kuif op het voorhoofd en een helder gele iris, die in groepen door bergbos en koffieplantages trekt. Hij komt alleen voor in de hooglanden van het noordelijk deel van Midden-Amerika. In het gidsgebied leeft hij van Guatemala tot Nicaragua.

Geelooggaai (Cyanocorax melanocyaneus)
Foto: dominic sherony — CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Luidruchtig. Harde, schorre roepen, vaak in reeksen, en ratelende en klikkende geluiden.

Luister: ZangXC1069973

Opname: Max Noack — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

30–33 cm, met een lange staart. Kop, keel en borst zwart; op het voorhoofd een korte, borstelige kuif. Rug, vleugels en staart blauw; buik blauw tot paarsblauw, in het zuiden van het verspreidingsgebied meer violet. Iris bij volwassen vogels helder geel; snavel en poten zwart. Mannetje en vrouwtje zijn gelijk.

Verwarrings­soorten

De stellers gaai Cyanocitta stelleri heeft een lange, puntige kuif, een donker oog en een blauwzwart lijf zonder scherpe grens tussen zwart en blauw; hij leeft hoger, in naaldbos. De leiblauwe gaai Aphelocoma unicolor is geheel blauw, zonder zwarte borst. De yucatangaai Cyanocorax yucatanicus en de acapulcogaai Cyanocorax sanblasianus lijken sterk, maar hebben een zwarte buik en komen buiten zijn verspreidingsgebied voor.

Leefgebied

Pijn-eikenbos, eikenbos, randen van nevelwoud, secundair bos en halfopen terrein met bomen in de heuvels en bergen; ook in schaduwkoffie. Eet insecten, kleine gewervelden en vruchten. Leeft in groepen.

Verspreiding en trek

Hooglanden van Guatemala, El Salvador, Honduras en het noorden en midden van Nicaragua. Komt buiten het gidsgebied niet voor.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Groepen bezoeken vaak koffieplantages met schaduwbomen en bosranden in de hooglanden van Guatemala en Honduras.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Vrij algemeen in bos en halfopen terrein in de hooglanden.

Wetenschappelijke naam

Cyanocorax melanocyaneus | (Hartlaub, 1844)

Hartlaub beschreef de soort in 1844 als Garrulus (Cyanocorax) melanocyaneus; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Cyanocorax werd in 1826 ingevoerd door Boie. Cyanocorax is Grieks, van kuanos 'donkerblauw' en korax 'raaf': een 'blauwe raaf', naar de blauwe kleuren van veel soorten. melanocyaneus is Grieks, van melas 'zwart' en kuaneos 'donkerblauw', naar de zwarte kop en borst en het blauwe lichaam. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Guatemala.