Alle soorten › Zangvogels › Manakins › Geelbroekmanakin

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Geelbroekmanakin | Ceratopipra mentalis

Red-capped Manakin | Manaquín cabeza roja

De geelbroekmanakin is de meest verbreide manakin van het gidsgebied, van het zuidoosten van Mexico tot Panama. Het zwarte mannetje heeft een glanzend rode kop en gele dijen, waaraan de soort zijn naam dankt. In de balts schuift het mannetje met snelle pasjes achterwaarts over een horizontale tak.

Geelbroekmanakin (Ceratopipra mentalis)
Foto: Mikeschafer.wildlife — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een scherp psiet of tsik en een hoog, dun gezoem. Mannetjes op de baltsplaats laten daarnaast knappende geluiden met de vleugels horen.

Luister: ZangXC1180627

Opname: Nick Talbot — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

10 cm. Mannetje: lichaam glanzend zwart, kop en nek scharlakenrood, kin en dijen geel; iris wit, snavel licht. De gele dijen zijn alleen goed te zien wanneer de vogel zich toont. Vrouwtje olijfgroen, onderzijde iets lichter en geelachtiger, met lichte snavel en vrij bleke poten.

Verwarrings­soorten

De goudkopmanakin Ceratopipra erythrocephala (oosten van Panama) heeft een goudgele in plaats van rode kop en rode dijen. Vrouwtjes van manakins lijken sterk op elkaar; dat van de withalsmanakin Manacus candei heeft oranje poten, dat van de witkruinmanakin Pseudopipra pipra een grijzige kop.

Leefgebied

Onderlaag en middenlaag van vochtig laagland- en voetheuvelbos, oud secundair bos en halfaltijdgroen seizoensbos, meestal beneden 1000 m. Eet vooral kleine vruchten en wat insecten. Mannetjes baltsen in losse groepjes op takken een paar meter boven de grond.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Zuidoosten van Mexico (zuiden van Veracruz, Oaxaca, Tabasco, Chiapas en het zuiden van het schiereiland Yucatán) door Belize, Guatemala en de Caribische kant van Honduras en Nicaragua tot Costa Rica en Panama, waar hij aan beide kanten voorkomt. Buiten het gidsgebied in het westen van Colombia en Ecuador.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Algemeen bij La Selva in Costa Rica, in Tikal in Guatemala en langs de Camino del Oleoducto (Pipeline Road) in Panama. Zit vaak stil in de middenlaag en is vooral te vinden bij vruchtdragende struiken.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd. Algemeen en wijd verspreid, ook in oud secundair bos; verdwijnt waar het bos volledig gekapt wordt.

Wetenschappelijke naam

Ceratopipra mentalis | (Sclater, 1857) (GBIF: Pipra mentalis)

Sclater beschreef de soort in 1857 als Pipra mentalis; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Ceratopipra werd in 1854 ingevoerd door Bonaparte. Ceratopipra is Grieks keras 'hoorn' plus het geslacht Pipra, naar de hoornachtige kuifveren van de typesoort, de Gehoornde Manakin. mentalis is Latijn voor 'van de kin', van mentum 'kin', vermoedelijk naar de gele kin van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Córdoba, Veracruz, Mexico.