Alle soorten › Zangvogels › Tapaculo's › Costaricaanse tapaculo
Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae
Costaricaanse tapaculo | Scytalopus argentifrons
Silvery-fronted Tapaculo | Tapaculo frentiplateado
De costaricaanse tapaculo is een kleine, donkergrijze bodemvogel van de onderlaag van hoog bergbos, die als een muis door dichte begroeiing kruipt. Hij komt alleen voor in de bergen van Costa Rica en het westen van Panama.
Geluid
Een snelle, scherpe reeks korte tonen die vaak lang wordt herhaald, en een raspend alarmgeluid. Roept veel en wordt daardoor vaker gehoord dan gezien.
Opname: Beth Cottam — CC0 · omgezet naar mono · xeno-canto
Herkenning
10–11 cm, met een korte, vaak schuin opgestoken staart en stevige poten. Mannetje donker leigrijs, met een zilverwitte vlek op het voorhoofd die als korte wenkbrauwstreep doorloopt; flanken en onderstaartdekveren bruin met donkere bandjes. Vrouwtje bruiner, met minder of geen zilverwit op het voorhoofd. Jonge vogels zijn bruin met donkere bandjes.
Verwarringssoorten
Winterkoningen, zoals de grijze boswinterkoning Henicorhina leucophrys, hebben een duidelijk gestreepte kop en lichtere onderdelen. In het gidsgebied komen geen andere tapaculo's in hetzelfde gebied voor.
Leefgebied
Dichte onderlaag van vochtig bergbos en nevelwoud, vooral op de hogere hellingen, met bamboe, varens, omgevallen stammen en mos; ook aan bosranden en in struikgewas aan de rand van de páramo. Zoekt op en vlak boven de grond naar kleine insecten en spinnen.
Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.
Verspreiding en trek
Endemisch voor het gidsgebied: de bergen van Costa Rica, vooral de Cordillera Central en de Cordillera de Talamanca, en de aansluitende bergen in het westen van Panama.
- Jaarrond
- donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Hoe en wanneer kijken
Stil staan bij een dicht begroeide bosrand waar de vogel roept, en dan de grond en omgevallen stammen afspeuren. Hij verschijnt vaak maar heel even in een opening.
Staat van instandhouding
Niet bedreigd. In geschikt bergbos vrij algemeen; een groot deel van het leefgebied ligt in beschermde gebieden.
Wetenschappelijke naam
Scytalopus argentifrons | Ridgway, 1891
Ridgway beschreef de soort in 1891 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Scytalopus werd in 1837 ingevoerd door Gould. Scytalopus is Grieks, van skutalē 'stok, knuppel' en pous 'voet', naar de stevige poten. argentifrons is Latijn, van argentum 'zilver' en frons 'voorhoofd', naar de zilvergrijze wenkbrauw en het voorhoofd van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Vulkaan Irazú, Costa Rica.

