Alle soorten › Zangvogels › Tangaren › Citroentangare

Plaats in de stamboom Vogels Aves › Vogels met een beweeglijk verhemelte Neognathae › Alle overige moderne vogels Neoaves › Landvogels Telluraves › Valken, papegaaien en zangvogels Australaves › Valken en zangvogels Eufalconimorphae › Papegaaien en zangvogels Psittacopasserae

Citroentangare | Chrysothlypis chrysomelas

Black-and-yellow Tanager | Tangara negriamarilla

De citroentangare is een kleine, actieve tangare van de voetheuvels, die zich in de bladeren eerder als een zanger dan als een tangare gedraagt. Het mannetje is heldergeel met zwart. Het verspreidingsgebied ligt vrijwel geheel in het gidsgebied, van Costa Rica tot het oosten van Panama.

Citroentangare (Chrysothlypis chrysomelas)
Foto: Daniel S. Katz — CC BY 4.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Roept met hoge, dunne tsit-tonen. De zang is een snelle, hoge reeks tjilpende tonen.

Luister: RoepXC830987

Opname: Tyler Wenzel — CC BY-NC-SA 4.0 · omgezet naar mono · xeno-canto

Herkenning

11–12 cm. Kleine, slanke tangare met een dunne, puntige snavel. Mannetje heldergeel met zwarte mantel, vleugels en staart; bij sommige vogels loopt het zwart door over de kruin of nek. Vrouwtje van boven olijfgroen, van onderen geel, op de buik bleker, met donkerder vleugels en staart.

Verwarrings­soorten

De geelstuittangare Hemithraupis flavicollis (oosten van Panama) heeft een zwarte kop, een gele keel en een witachtige buik. Het vrouwtje lijkt op vrouwtjes van zangers zoals de Wilsons zanger Cardellina pusilla, maar heeft een iets dikkere snavel, geen kapje en beweegt zich in groepen met andere tangares. Vrouwtjes van de witschoudertangare Loriotus luctuosus hebben een grijze kop.

Leefgebied

Boomkronen en middenlaag van vochtig, altijdgroen voetheuvel- en lager bergbos, vooral tussen 300 en 1200 m; ook bosranden en hoog secundair bos. Trekt mee met gemengde groepen en zoekt insecten tussen de bladeren en vruchten.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatie-eenheden van Mexico en Midden-Amerika.

Verspreiding en trek

Caribische kant van Costa Rica en in het zuiden ook de Pacifische kant; in Panama in de voetheuvels aan beide kanten, oostwaarts tot in Darién. Daarbuiten alleen in het uiterste noordwesten van Colombia.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,7° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

In Panama vaak te zien in gemengde groepen op Cerro Azul en Cerro Jefe; in Costa Rica in de Caribische voetheuvels, bijvoorbeeld in Braulio Carrillo.

Staat van instandhouding

Niet bedreigd (LC). Vrij algemeen binnen een vrij klein verspreidingsgebied; gevoelig voor verlies van voetheuvelbos.

Wetenschappelijke naam

Chrysothlypis chrysomelas | (Sclater & Salvin, 1869)

Sclater & Salvin beschreef de soort in 1869 als Tachyphonus chrysomelas; omdat ze later in een ander geslacht is geplaatst, staan auteur en jaartal tussen haakjes. Het geslacht Chrysothlypis werd in 1912 ingevoerd door Berlepsch. Chrysothlypis is Grieks, van khrusos 'goud' en thlupis, een onbekend vogeltje, in de ornithologie gebruikt voor dunsnavelige tangaren en zangers. chrysomelas is Grieks, van khrusos 'goud' en melas 'zwart', naar het geel en zwart van het mannetje. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Cordillera del Chucú, Veraguas, Panama.