Alle soorten › Zangvogels › Lijsttangaren
Lijsttangaren | Rhodinocichlidae
Thrush-tanager | Tangaras zorzal
De familie bestaat uit één soort, de lijsttangare, die lang bij de tangaren werd ingedeeld maar volgens DNA-onderzoek een eigen, geïsoleerde tak van de zangvogels vormt. In de gids komt hij voor in een aantal van elkaar gescheiden gebieden, van het westen van Mexico tot Panama, steeds in dichte struiklagen van droog en halfvochtig bos en bosranden. Het mannetje is donker leigrijs van boven, met een rozerode keel, borst en wenkbrauwstreep; bij het vrouwtje is dat rood vervangen door warm oranjebruin. De snavel is vrij lang en spits, en de poten zijn stevig. Hij leeft dicht bij of op de grond, waar hij met de snavel bladafval omgooit op zoek naar insecten en andere kleine dieren, en blijft daarbij meestal goed verborgen in het struikgewas. Wie hem wil zien, gaat op de stem af: de zang is een reeks rijke, heldere fluittonen, en partners zingen soms beurtelings. Het nest is een kom van plantenmateriaal laag in een struik of dicht struikgewas. Ondanks de felle kleuren van het mannetje is het een soort die weinig wordt gezien.
Inheemse soorten 1 soort
Soorten die hier van nature voorkomen: broedvogels, wintergasten en doortrekkers. Ze staan per geslacht, in de volgorde van de lijst.



