Alle soorten › Spechtachtigen › Toekans › Groefsnaveltoekan

Groefsnaveltoekan | Ramphastos vitellinus

Channel-billed Toucan | Tucán piquiacanalado

De groefsnaveltoekan is de enige toekan van het gebied en komt alleen op Trinidad voor, waar de nominaatvorm Ramphastos vitellinus vitellinus leeft, net als in het noordoosten van Zuid-Amerika. Kenmerkend zijn de grote snavel en de krassende roep, vaak vanaf een hoge, kale tak boven het kronendak. Op Tobago ontbreekt de soort.

Groefsnaveltoekan (Ramphastos vitellinus)
Foto: pululante — CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Geluid

Een krassend, herhaald krie-ok krie-ok, waarbij de vogel kop en snavel op en neer beweegt; vooral 's ochtends en tegen de avond, ver te horen. Daarnaast korte, droge kraakgeluiden.

Luister: ZangXC1174384

Opname: Tristan Guillebot de Nerville — CC BY-NC-SA 4.0 · ingekort tot de eerste 60 s, mono · xeno-canto

Herkenning

46–48 cm, waarvan de snavel 9–14 cm. Het verenkleed is grotendeels zwart. De keel en bovenborst zijn wit, het midden van de borst geeloranje, met daaronder een brede rode band. De bovenstaartdekveren en onderstaartdekveren zijn rood. Rond het oog zit blauwe naakte huid. De snavel is zwart, met een lichtblauwe band aan de basis en een groef langs de bovenkant van de bovensnavel. De seksen zijn gelijk; het mannetje heeft een iets langere snavel.

Verwarrings­soorten

Op Trinidad is er geen andere toekan of arassari. Met zijn formaat, zwarte lichaam en grote snavel is de soort in het gebied met geen andere vogel te verwarren.

Leefgebied

Het kronendak van vochtig en halfgroen bos en hellingbos, vooral in het Noordergebergte, en daarnaast grotere bosgebieden in het midden en zuiden van Trinidad; ook in hoog secundair bos en aan bosranden. Eet vooral vruchten, daarnaast insecten, en soms eieren en jongen van andere vogels. Vliegt met afwisselend fladderen en glijden van kruin naar kruin. Nestelt in een natuurlijke boomholte, hoog in een boom.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld naar de vegetatietypen van het Caribisch gebied.

Verspreiding en trek

In het gebied alleen op Trinidad, als vrij schaarse standvogel van bosgebieden. Niet op Tobago. Buiten het gebied in Venezuela, de Guyana's en het Amazonegebied van Brazilië, Colombia, Ecuador, Peru en Bolivia, en een geïsoleerde populatie in het Atlantisch bos van Brazilië.

  • Jaarrond
  • donker = kerngebied, licht = dun verspreid
Dichtheidskaart uit de waarnemingen van GBIF (2006-10-01 – 2026-09-30), geteld per hokje van 0,18° en per maand en gedeeld door alle vogelwaarnemingen in datzelfde hokje — zo telt niet mee hoeveel vogelaars er kijken. De kleurdiepte volgt dat aandeel en loopt geleidelijk af; de kaart houdt zich dus niet aan landsgrenzen. Landcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Hoe en wanneer kijken

Het beste vroeg in de ochtend op uitkijkpunten boven bosvalleien in het Noordergebergte, waar de vogels op kale toptakken zitten en roepen. De roep is meestal het eerste teken; daarna loont het om de hoogste kale takken in de omgeving af te zoeken.

Staat van instandhouding

In de hier gebruikte gegevens niet als bedreigd aangemerkt. Over het hele verspreidingsgebied neemt de soort af door ontbossing in het Amazonegebied, en de vogels worden plaatselijk bejaagd en gevangen voor de handel in kooivogels. Op Trinidad is de soort van aaneengesloten bos afhankelijk.

Wetenschappelijke naam

Ramphastos vitellinus | Lichtenstein, 1823

Lichtenstein beschreef de soort in 1823 en plaatste haar meteen in het geslacht waarin ze nog altijd staat. Het geslacht Ramphastos werd in 1758 ingevoerd door Linnaeus. Ramphastos komt van Grieks rhamphēstēs 'met een snuit', van rhamphē 'snavel', naar de enorme snavel. vitellinus is Latijn voor 'eigeelkleurig', van vitellus 'eidooier', naar de oranjegele borst. Het eerst beschreven exemplaar kwam uit Cayenne, Frans-Guyana.