Alle soorten › Zangvogels › Monarchen › Oʻahu-ʻelepaio

Oʻahu-ʻelepaio | Chasiempis ibidis

Oʻahu ʻElepaio | ʻElepaio de Oʻahu

De Oʻahu-ʻelepaio is een kleine monarchvliegenvanger die alleen op het eiland Oʻahu voorkomt en nergens anders ter wereld. Het is een van de laatste inheemse zangvogels van Oʻahu, met een versnipperd areaal van zo'n 47 vierkante kilometer in twee bergketens. De soort staat federaal en op staatsniveau als bedreigd geregistreerd.

Oʻahu-ʻelepaio (Chasiempis ibidis)
Foto: ALAN SCHMIERER from southeast AZ, USA — CC0 · Wikimedia Commons

Geluid

De naam is een weergave van de zang: een luide, rollende e-le-PAI-o of ele-PAI-o, herhaald vanuit het middelste deel van het bladerdek. Daarnaast klinken korte tsjip-notities, een ratelend gekwetter dat het meest gehoorde geluid is, en een scherpe alarmroep. Ook vrouwtjes zingen, maar minder dan mannetjes. De zang verschilt per eiland: in proeven reageren ʻelepaio's nauwelijks op de zang van vogels van een ander eiland. De soort begint als eerste inheemse vogel te zingen in de ochtend en houdt het 's avonds het langst vol.

Luister: ZangXC410155

Opname: Dan Lane — CC BY-NC-SA 4.0 · Aiea RIdge Oahu Hawaii, United States · xeno-canto

Herkenning

Een vogel van ongeveer veertien centimeter met een korte, stompe zwarte snavel en een lange staart die vaak rechtop wordt gedragen. De bovendelen zijn donkerbruin, op de kop roodbruin getint; de onderdelen zijn wit, met lichte bruine streping op de borst en wit dat doorloopt tot op de flanken. Twee witte vleugelstrepen en witte staartpunten zijn op afstand de duidelijkste kenmerken. De kin is zwart of blauwzwart; mannetjes hebben meer zwart dan vrouwtjes. Jonge vogels zijn overwegend roodbruin, met okerkleurige in plaats van witte vleugelstrepen.

Verwarrings­soorten

Op Oʻahu is er geen andere inheemse vogel met dit patroon, dus verwarring speelt vooral bij de andere twee ʻelepaio's, en die komen op andere eilanden voor: de Kauaʻi-ʻelepaio (Chasiempis sclateri) en de Hawaï-ʻelepaio (Chasiempis sandwichensis). Tot 2010 werden alle drie als één soort gerekend; de splitsing berust op verschillen in genetica, verenkleed en zang. De Oʻahu-vorm heeft meer roodbruin op de kop en meer wit op borst en flanken dan de Hawaii-vorm. Ingevoerde zangvogels op Oʻahu, zoals de Japanse brilvogel, zijn kleiner en hebben geen witte vleugelstrepen of opgerichte staart.

Leefgebied

Vochtig tot matig vochtig inheems bos in valleien, met een gesloten kroonlaag en een dichte onderlaag; valleibodems met hoge oevervegetatie hebben de hoogste dichtheden. Inheemse bomen als papala kepau en lama zijn kenmerkend, maar de soort foerageert ook in ingevoerde begroeiing met aardbeiguave en mango. Zeer natte bossen, winderige bergkammen en droog struweel worden gemeden. In de Koolau-keten zit hij tussen ruwweg 100 en 550 meter, in de Waianae-keten tussen 500 en 850 meter.

Waar de vogel het meest zit, ingedeeld volgens de USNVC — de vegetatie-indeling van de Verenigde Staten en Canada — en CMECS voor zee en kust.

Verspreiding en trek

Het hele areaal beslaat nog ongeveer 47 vierkante kilometer, verdeeld over de Koolau- en de Waianae-keten. Uitwisseling tussen beide ketens komt nauwelijks voor, en binnen elke keten zit de vogel in een reeks van elkaar gescheiden deelpopulaties. Aan de loefzijde van de Koolau-keten resteren ongeveer dertig vogels. De soort trekt niet; paren blijven het hele jaar op hun territorium en jonge vogels blijven tot een maand of tien bij de ouders.

HawaïNiihauKauaiOahuLanaiMolokaiKahoolaweMauiHawaii
  • Jaarrond
Kaartje van de archipel zelf: op de kaart van Noord-Amerika zou deze vogel een stipje linksonder zijn, en juist bij eilandsoorten gaat het om de vraag op wélke eilanden hij zit. De eilanden waar hij ontbreekt staan er grijs bij. Per eiland gemeten aan de waarnemingen van GBIF: het aantal waarnemingen van de soort gedeeld door alle vogelwaarnemingen daar, per seizoen, net als op de gewone kaart. Op Niihau en Kahoolawe wordt zo weinig gekeken dat de meting daar zwijgt en de standaardwerken het zeggen. Eilandcontouren: Natural Earth (publiek domein).

Waar en wanneer kijken

De bereikbaarste plekken liggen in de valleien achter Honolulu, zoals het bosgebied bij Manoa en de ruggen van de Waianae-keten. Zoek tussen januari en juli, als de vogels het meest zingen, in de vroege ochtend. Ga op de zang af en niet op het zicht: de vogel blijft vaak in de dichte onderlaag, maar hij komt op een nagebootste of afgespeelde zang van het eigen eiland dichtbij.

Staat van instandhouding

De IUCN plaatst de soort sinds 2023 in de categorie kwetsbaar (VU); in de Verenigde Staten geldt sinds 2000 de status bedreigd, met aangewezen kritiek leefgebied. De gefragmenteerde populatie wordt op 1200 tot 1400 vogels geschat en neemt af. Predatie door de zwarte rat op nesten, eieren en broedende vrouwtjes is de zwaarste druk; de nesthoogte is in de loop van de tijd toegenomen, wat als reactie op die predatie wordt gelezen. Vogelpokken en vogelmalaria komen voor, al ligt een deel van het areaal boven de dichtste muggenzones. Verder spelen bosbranden, deels ontstaan bij militaire oefeningen, en de kwetsbaarheid van kleine deelpopulaties. Rattenbestrijding op proefpercelen leverde een duidelijke stijging van het nestsucces en van de overleving van volwassen vrouwtjes op.

Wetenschappelijke naam

Chasiempis ibidis | Stejneger, 1887

Leonhard Stejneger beschreef de soort in 1887. Het geslacht Chasiempis komt van het Griekse khaskein 'gapen' en empis 'mug', naar de manier van vangen. De soortnaam ibidis verwijst vrijwel zeker naar het tijdschrift The Ibis, niet naar de vogelgroep ibissen. Het beschreven exemplaar was een jonge vogel zonder vaste vindplaats; Rothschild bracht het in 1893 onder bij de Hawaïaanse eilanden. De Hawaïaanse naam ʻelepaio is een weergave van de zang. Kanobouwers keken naar deze vogel: pikte hij aan een gevelde stam, dan zaten er houtborende insecten in en was de stam niet bruikbaar — vandaar het gezegde Ua ʻelepaio ia ka waa, 'de kano is door de ʻelepaio getekend'.